ECLI:NL:RBSGR:2002:AE4563
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing uitzettingsbesluiten Iraakse verzoeksters wegens twijfel verblijfsalternatief Noord-Irak
Verzoeksters, drie Shi’itische moslims uit Bagdad, kregen aanvankelijk een voorwaardelijke vergunning tot verblijf in Nederland, maar hun verlengingsverzoeken werden afgewezen. Zij vroegen schorsing van de uitzettingsbesluiten totdat op bezwaar zou zijn beslist. De voorzieningenrechter constateerde dat het onderzoek niet volledig was omdat recente rapporten en overleg met Koerdische autoriteiten twijfel opriepen over het verblijfsalternatief Noord-Irak.
Na heropening van het onderzoek verwees de Staatssecretaris naar het oordeel van de voorzieningenrechter en gaf aan nog te beraadslagen over beleidsconsequenties. De voorzieningenrechter oordeelde dat deze onzekerheid aanleiding had moeten zijn om schorsende werking te verlenen, wat niet was gebeurd. De belangenafweging viel daardoor in het voordeel van verzoeksters uit.
De voorzieningenrechter wees de verzoeken toe, verbood de uitzetting zolang niet op bezwaar was beslist, en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierechten. De uitspraak werd gedaan op 15 mei 2002 en is niet vatbaar voor hoger beroep.
Uitkomst: De uitzetting van verzoeksters wordt geschorst totdat op bezwaar is beslist, en de Staat wordt veroordeeld in proceskosten.