ECLI:NL:RBSGR:2002:AE2668
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- M.C.R. Derkx
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting wegens risico op vrouwenbesnijdenis in Somalië
Verzoekster, een Somalische vrouw, heeft een asielaanvraag ingediend mede namens haar drie minderjarige kinderen vanwege het risico op vrouwenbesnijdenis van haar jongste dochter in Somalië. De staatssecretaris wees het verzoek af, stellende dat verzoekster onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij met de traditie van besnijdenis wilde breken en dat de jongste dochter zich in het noorden van Somalië aan besnijdenis zou kunnen onttrekken.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de staatssecretaris de situatie onvoldoende heeft onderzocht, met name de wil van verzoekster en haar jongste dochter om de traditie te doorbreken. Tevens wordt geoordeeld dat het ambtsbericht van juni 2001 stelt dat het vrijwel onmogelijk is om besnijdenis te ontlopen, ook niet in het noorden van Somalië.
Gelet op het ontbreken van een draagkrachtige motivering en het reële risico op schending van artikel 3 EVRM Pro, wordt het bezwaar van verzoekster als kansrijk beoordeeld en het verzoek tot voorlopige voorziening toegewezen. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting wordt opgeschort vanwege het reële risico op vrouwenbesnijdenis van de jongste dochter.