ECLI:NL:RBSGR:2002:AE1423
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen beëindiging opvang asielzoekers na weigering woningaanbod
Verzoekers, Bosnische asielzoekers met verblijfsvergunning, weigerden een woning in Lochem die door het COA werd aangeboden. Het COA beëindigde daarop hun opvang in het asielzoekerscentrum. Verzoekers maakten bezwaar en vroegen voorlopige voorziening bij de bestuursrechter.
De rechtbank Arnhem verklaarde zich onbevoegd op grond van artikel 3a Wet COA en verwees de zaak naar de vreemdelingenkamer van de rechtbank ’s-Gravenhage. De vreemdelingenrechter oordeelde dat het COA onvoldoende had onderzocht welke van de opgegeven indicaties (familie, werk, bijzonder onderwijs) zwaarder woog en dat de nadelige gevolgen van het woningaanbod onevenredig waren.
De voorzieningenrechter schorste het besluit tot beëindiging van de opvang totdat op het beroep was beslist en veroordeelde het COA tot betaling van proceskosten. Er werd geen toepassing gegeven aan artikel 8:86 Awb Pro omdat het bezwaar nog niet als beroepschrift was doorgestuurd.
Deze uitspraak bevestigt de bevoegdheid van de vreemdelingenrechter bij geschillen over COA-besluiten en benadrukt het belang van een zorgvuldige belangenafweging bij het toewijzen van woonruimte aan asielzoekers.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt toegewezen en het besluit tot beëindiging van opvang wordt geschorst totdat op het beroep is beslist.