ECLI:NL:RBSGR:2002:AE0869
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Gorter
- Rechtspraak.nl
Toelating als vluchteling geweigerd ondanks gegronde vrees voor vervolging in Sudan
Eiser, afkomstig uit Sudan, vreesde vervolging vanwege zijn weigering te werken voor de militaire industrie, mede door zijn diploma's in nucleaire chemie. Na bedreigingen en waarschuwingen verliet hij Sudan en vroeg asiel aan in Nederland.
De Staatssecretaris van Justitie wees de aanvraag af, stellende dat er geen specifieke dreiging was en dat de oproep tot militaire dienstplicht geen zware strafrechtelijke consequenties had. De rechtbank oordeelde echter dat de vrees van eiser aannemelijk is, mede gezien de zorgwekkende mensenrechtensituatie en het fundamentalistisch-islamitisch bewind in Sudan.
De rechtbank stelde dat verweerder het bezwaar ten onrechte kennelijk ongegrond had verklaard en dat het besluit onvoldoende was gemotiveerd. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen, met vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van vluchtelingstatus wordt vernietigd.