ECLI:NL:RBSGR:2002:AD9996
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Hensen
- Wattèl
- Kuijer
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en gedeeltelijke veroordeling wegens bedreiging, mishandeling en drugsbezit
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde op 8 maart 2002 de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van meerdere strafbare feiten waaronder bedreiging, mishandeling en het bezit van een niet geringe hoeveelheid hasjiesj.
Tijdens de terechtzitting van 22 februari 2002 werd de telastlegging gewijzigd. De rechtbank sprak verdachte vrij van het primair en subsidiair ten laste gelegde feit onder 1, omdat dit niet wettig en overtuigend was bewezen. Wel achtte de rechtbank bewezen dat verdachte zijn echtgenote heeft geslagen en bedreigd met een mes nadat zij uit huis was gevlucht, en dat hij de zus van zijn echtgenote verbaal en met een bezemsteel heeft bedreigd. Daarnaast had verdachte een aanzienlijke hoeveelheid hasjiesj in bezit.
De rechtbank motiveerde dat de bedreigingen ernstig waren en de lichamelijke integriteit van de echtgenote was geschonden. Verdachte had eerder veroordelingen voor soortgelijke feiten en drugsdelicten. Gezien de ernst en omstandigheden legde de rechtbank een gevangenisstraf van tien maanden op, waarvan vijf maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
De tijd in voorlopige hechtenis werd in mindering gebracht. De rechtbank verklaarde niet bewezen wat niet in de bewezenverklaring stond en sprak verdachte daarvan vrij. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank 's-Gravenhage.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van het primair ten laste gelegde, maar veroordeeld tot tien maanden gevangenisstraf waarvan vijf maanden voorwaardelijk voor bedreiging, mishandeling en drugsbezit.