ECLI:NL:RBSGR:2001:AD9352
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A. Vermeulen
- W.J. van Bennekom
- T. de Lange
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Turkmeense asielzoeker uit Irak wegens ontbreken vluchtelingenstatus en verblijfsalternatief Noord-Irak
Eiser, een Turkmeense man uit Centraal-Irak, verzocht om toelating als vluchteling en een verblijfsvergunning op humanitaire gronden. Hij stelde vervolging te vrezen vanwege vermeende betrokkenheid bij de Turkmeense partij en een executiebevel tegen hem. De rechtbank oordeelde dat deze beweringen niet aannemelijk zijn, mede vanwege inconsistenties in het relaas en het ontbreken van directe aanwijzingen voor vervolging.
Verweerder stelde dat Noord-Irak als verblijfsalternatief geldt, waar de Turkmeense gemeenschap goed vertegenwoordigd is en toegang heeft tot essentiële basisvoorzieningen zoals voedsel, huisvesting en gezondheidszorg. Uit ambtsberichten bleek dat de meerderheid van de Turkmenen in Noord-Irak onder normale omstandigheden leeft, ondanks enkele spanningen tussen politieke partijen.
De rechtbank concludeerde dat eiser onvoldoende concrete feiten had gesteld die het tegendeel aannemelijk maken en dat er geen sprake is van een reëel risico op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro. Ook werden geen klemmende humanitaire redenen voor verblijf vastgesteld. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de Turkmeense asielzoeker wordt ongegrond verklaard; Noord-Irak geldt als verblijfsalternatief.