ECLI:NL:RBSGR:2001:AD8130
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. Wenholt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende aannemelijkheid etnische afkomst en woonomgeving
Eiser, afkomstig uit Soedan en stellende tot de Nuba-bevolkingsgroep te behoren, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder wees deze aanvraag af omdat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij tot de Nuba-groep behoort en onvoldoende informatie gaf over zijn woonomgeving. De rechtbank bevestigt dit oordeel en stelt dat het ongeloofwaardig is dat eiser zijn gestelde stamtaal niet spreekt, hetgeen essentieel is voor zijn identiteit.
Verder heeft eiser onvoldoende gereageerd op de stelling van verweerder dat hij onjuiste informatie heeft verstrekt over zijn herkomstgebied. De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht volstond met verwijzing naar openbare bronnen ter onderbouwing van zijn standpunt en niet onzorgvuldig handelde door eiser geen nadere inzage te geven in deze bronnen.
De rechtbank concludeert dat de aanvraag terecht in de versnelde AC-procedure is afgewezen, omdat eiser geen geloofwaardige asielmotieven heeft aangevoerd. Ook is niet gebleken van een reëel risico op foltering of onmenselijke behandeling bij terugkeer, noch van humanitaire redenen of bijzondere hardheid die terugkeer zouden verhinderen. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel bevestigd.