ECLI:NL:RBSGR:2001:AD8045
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M. Smorenburg
- E.R. Eggeraat
- C.J. Waterbolk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening WAO-uitkering na intrekking wegens geringe arbeidsongeschiktheid
Eiser ontving een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80-100%, die door verweerder per 24 januari 2000 werd ingetrokken op grond dat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% zou zijn. Eiser maakte bezwaar en stelde dat hij de voor hem aangewezen functies niet kon verrichten vanwege zijn belastbaarheidsprofiel en opleidingsniveau.
De rechtbank toetste of de functies passend waren en of deze in de juiste omvang (fulltime) beschikbaar waren, waarbij zij de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep inzake deeltijdwerkers spiegelbeeldig toepaste. Uit het arbeidsdeskundig rapport bleek dat passende functies, waaronder wasserijmedewerker, in fulltime omvang beschikbaar waren.
De beperkingen van eiser bleken niet zodanig dat hij de functies niet kon uitoefenen. De rechtbank concludeerde dat de intrekking van de WAO-uitkering terecht was omdat het verlies aan verdiencapaciteit nihil was. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard.