ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7708
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning verblijfsvergunning aan vader voor verblijf bij minderjarige Nederlandse kinderen na overlijden partner
Eiser, een Kameroense muzikant met een Franse verblijfsvergunning, heeft na het overlijden van zijn Nederlandse partner de zorg voor hun twee minderjarige Nederlandse kinderen op zich genomen. Hij vroeg een verblijfsvergunning aan voor verblijf bij zijn kinderen en wegens klemmende humanitaire redenen, maar de IND wees dit af op basis van beleid inzake verruimde gezinshereniging en onvoldoende middelen van bestaan bij de kinderen.
De rechtbank oordeelt dat het toegepaste beleid niet passend is voor de situatie van eiser, die als vader bij zijn kinderen wil verblijven om voor hen te zorgen. De belangenafweging door de IND was onvoldoende, met name ten aanzien van het familie- en gezinsleven zoals beschermd door artikel 8 EVRM Pro. De rechtbank stelt vast dat er geen inmenging is in het gezinsleven, maar dat er wel een positieve verplichting kan bestaan om verblijf toe te staan.
Gezien de langdurige verblijfsgeschiedenis van eiser in Nederland, zijn ouderlijk gezag, het sociale netwerk, de Nederlandse nationaliteit van de kinderen en de financiële situatie, concludeert de rechtbank dat de IND onvoldoende rekening heeft gehouden met deze omstandigheden. Daarom wordt het beroep gegrond verklaard, de beschikking vernietigd en de IND opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de verblijfsvergunning en beveelt een nieuwe beslissing met inachtneming van de belangenafweging.