ECLI:NL:RBSGR:2001:AD7110
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel bewaring vreemdeling wegens onrechtmatigheid en toekenning schadevergoeding
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde het beroep van een vreemdeling tegen de voortzetting van de maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Na eerdere toetsing van de rechtmatigheid van de maatregel op 13 augustus 2001, stond nu alleen de beoordeling van de rechtmatigheid sinds die datum centraal.
Verweerder overlegde voortgangsrapportages (model M 120-A) waarin geen nieuwe uitzettingsactiviteiten waren vermeld. Telefonnotities gaven aan dat er wekelijks werd gerappelleerd bij de Surinaamse autoriteiten, maar zonder nadere specificatie of dit betrekking had op de uitzetting van eiser. Verweerder verscheen niet ter zitting om nadere toelichting te geven.
De rechtbank oordeelde dat de voortzetting van de maatregel van bewaring niet gerechtvaardigd was omdat niet aannemelijk was dat uitzetting binnen redelijke termijn zou plaatsvinden. Daarom werd de maatregel met ingang van 18 september 2001 opgeheven. Tevens werd een schadevergoeding van ƒ 1.650,-- toegekend voor 11 dagen onrechtmatige bewaring. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van ƒ 1.065,--. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven en eiser krijgt een schadevergoeding toegekend wegens onrechtmatige vrijheidsbeneming.