ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6796
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen uitzetting en vrijheidsontneming vreemdeling uit DRC
Een vreemdeling uit de Democratische Republiek Congo (DRC) verzocht de rechtbank om een voorlopige voorziening tegen zijn uitzetting en de vrijheidsontnemende maatregel opgelegd door de Staatssecretaris van Justitie. Hij stelde dat terugkeer naar de DRC onverantwoord was vanwege de verslechterde situatie na de moord op president Kabila en de arrestatie van zijn vader.
De rechtbank oordeelde dat de algemene situatie in de DRC niet zodanig was dat terugkeer onverantwoord was, mede omdat gezaghebbende bronnen geen toereikend bewijs leverden. Ook het individuele relaas van de vreemdeling vertoonde tegenstrijdigheden en onvoldoende aannemelijkheid omtrent zijn persoonlijke gevaar.
Verder werd geoordeeld dat de vrijheidsontnemende maatregel rechtmatig was opgelegd en voortgezet, en dat de overgang naar de nieuwe Vreemdelingenwet 2000 geen gevolgen had voor de geldigheid van deze maatregel. Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening werden ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de uitzetting en vrijheidsontneming wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.