ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6141
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing maatregel bewaring wegens onrechtmatig binnentreden woning vreemdeling
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde het beroep tegen de maatregel van bewaring opgelegd aan een Nigeriaanse vreemdeling op grond van artikel 59 Vreemdelingenwet Pro 2000. De maatregel was ingesteld vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf en het belang van de openbare orde.
Uit het dossier bleek dat politieagenten met toestemming van de vreemdeling diens woning waren binnengetreden, maar niet vooraf het doel van het binnentreden hadden medegedeeld zoals vereist volgens artikel 1, eerste lid, van de Algemene wet op het binnentreden (Awbi). Hoewel in een proces-verbaal werd vermeld dat het doel was medegedeeld, bood het dossier geen aanknopingspunten dat dit ook daadwerkelijk voorafgaand aan het binnentreden was gebeurd.
De rechtbank oordeelde dat het vereiste van voorafgaande mededeling onverminderd van toepassing was en dat de toegang tot de woning daardoor onrechtmatig was verkregen. Gevolg was dat ook de daaropvolgende staandehouding en inbewaringstelling onrechtmatig waren. Daarom werd het beroep gegrond verklaard en de maatregel van bewaring opgeheven.
De rechtbank veroordeelde de verweerder tot vergoeding van proceskosten. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De maatregel van bewaring is opgeheven wegens onrechtmatig binnentreden van de woning van de vreemdeling.