ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5969
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortzetting bewaring vreemdeling zonder voortgangsrapportage afgewezen
De vreemdeling, van Russische nationaliteit, was in bewaring gesteld en betwistte de voortzetting daarvan zonder dat een nieuwe voortgangsrapportage (M-120) was opgemaakt. De rechtbank had reeds op 12 juni 2001 geoordeeld over de rechtmatigheid van de bewaring. De bewaring was op 26 juni 2001 opgeheven nadat bleek dat geen nieuwe voortgangsrapportage kon worden opgesteld.
De gemachtigde van de vreemdeling stelde dat verweerder zijn werk niet goed had gedaan en dat de bewaring onrechtmatig was voortgezet vanaf 12 juni 2001. Verweerder gaf aan dat de communicatie met de vreemdeling moeizaam verliep en dat deze geen informatie wilde verschaffen over zijn identiteit en nationaliteit.
De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van een voortgangsrapportage over een periode van twee weken geen aanwijzing is dat de bewaring onrechtmatig werd voortgezet. Onder de gegeven omstandigheden was het niet onrechtmatig dat de bewaring tot 26 juni 2001 bleef voortduren. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de bewaring zonder voortgangsrapportage is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.