ECLI:NL:RBSGR:2001:AB2006
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting Iraanse homoseksuele asielzoeker
Verzoeker, een Iraanse homoseksuele man, diende op 1 december 1999 een asielaanvraag in die werd afgewezen vanwege kennelijke ongegrondheid en gebrek aan geloofwaardige documenten. Hij was in Iran veroordeeld tot negenennegentig zweepslagen wegens zijn geaardheid en had een tweede incident waarbij hij werd bedreigd met aangifte.
De rechtbank stelt vast dat homoseksualiteit in Iran verboden is en bestraft kan worden met de doodstraf, hoewel er geen actief vervolgingsbeleid is. Verzoekers seksuele geaardheid staat vast en zijn eerdere veroordeling bevestigt dat hij risico loopt op vervolging. Ondanks inconsistenties acht de rechtbank zijn relaas niet ongeloofwaardig.
De rechtbank oordeelt dat er geen redelijke twijfel bestaat over het gevaar voor vervolging bij terugkeer en beveelt dat de uitzetting wordt opgeschort tot vier weken na beslissing op bezwaar. Verzoeker wordt in de proceskosten van €1.470,- (griffierecht en overige kosten) veroordeeld ten laste van verweerder.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot voorlopige voorziening toe en schorst de uitzetting van verzoeker tot vier weken na beslissing op bezwaar.