ECLI:NL:RBSGR:2001:AB1679
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- F. Salomon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit wegens verblijfsgat en valsheid documenten
Verzoeker, een Turkse vreemdeling, vroeg om schorsing van het besluit tot uitzetting uit Nederland gedurende de bezwaarfase tegen de weigering van een verblijfsvergunning op grond van het witte illegalenbeleid.
De rechtbank stelde vast dat verzoeker niet aannemelijk had gemaakt dat hij van 1 januari 1997 tot 15 april 1997 in Nederland verbleef, mede vanwege een verblijfsgat van ruim zeven maanden. Verweerder had bovendien op goede gronden geoordeeld dat een tandartsfactuur valselijk was opgemaakt en dat andere bewijsstukken onvoldoende waren om het verblijf te staven.
Verzoekers beroep op een geoorloofde afwezigheidsperiode van maximaal drie maanden per kalenderjaar werd verworpen omdat het verblijfsgat langer was. Ook de stelling dat de gegevensvervalsing niet in deze procedure tegen hem kon worden gebruikt, faalde.
De belangenafweging leidde tot het oordeel dat het belang van verweerder bij onmiddellijke uitvoering van het uitzettingsbesluit zwaarder woog dan het belang van verzoeker bij schorsing. Er waren geen humanitaire redenen die tot een ander oordeel leidden.
De voorlopige voorziening werd daarom afgewezen en er werd geen uitspraak gedaan in de hoofdzaak.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van het uitzettingsbesluit wordt afgewezen omdat verzoeker niet heeft aangetoond ononderbroken in Nederland te hebben verbleven en gebruik heeft gemaakt van valse documenten.