ECLI:NL:RBSGR:2001:AB1225
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- G.W.S. de Groot
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek en vrijheidsontneming Togolese asielzoeker na beoordeling AC-procedure
Een Togolese asielzoeker verzocht om voorlopige voorziening en beroep tegen de afwijzing van zijn vluchtelingenstatus en het opleggen van een vrijheidsontnemende maatregel. De zaak werd behandeld in de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken van de rechtbank 's-Gravenhage.
De asielzoeker stelde dat hij in Togo werd bedreigd vanwege zijn politieke sympathieën en kritiek op het regime, en dat terugkeer een schending van artikel 3 EVRM Pro zou betekenen. Hij verwees onder meer naar een Amnesty International-rapport over mensenrechtenschendingen in Togo. De rechtbank baseerde zich op een recent ambtsbericht van de Minister van Buitenlandse Zaken en het UNHCR-standpunt, waarin werd gesteld dat gedwongen terugkeer mogelijk is mits een degelijke individuele procedure.
De rechtbank oordeelde dat het relaas van verzoeker onvoldoende aannemelijk maakte dat hij persoonlijk gevaar loopt bij terugkeer. Incidenten die verzoeker beschreef, werden niet toegeschreven aan autoriteiten en pasten binnen etnische spanningen. Ook was er geen bewijs dat de vrijheidsontnemende maatregel onrechtmatig was opgelegd. Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening werden ongegrond verklaard, evenals het verzoek om schadevergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het asielverzoek en de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening en schadevergoeding afgewezen.