ECLI:NL:RBSGR:2001:AB1018
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen buitenbehandelingstelling aanvraag tijdelijke regeling langdurig illegalen
Verzoeker heeft namens zichzelf en zijn gezin een aanvraag ingediend op grond van de tijdelijke regeling voor langdurig illegalen, maar heeft deze niet met de vereiste stukken onderbouwd. Verweerder stelde de aanvraag buiten behandeling op grond van artikel 4:5 Awb Pro wegens onvoldoende gegevens.
De president beoordeelt of de gegevens en bescheiden voldoende zijn voor een verantwoordelijke beslissing. Er wordt geoordeeld dat het ontbreken van bewijs voor ononderbroken woonplaats sinds 1992 en een geldig paspoort belangrijke voorwaarden zijn. Er zijn twijfels over de toepassing van artikel 4:5 Awb Pro op deze voorwaarden, vooral omdat verweerder ook aanvragen na 1 december 1999 inhoudelijk afwijst in plaats van buiten behandeling stelt.
Gezien deze omstandigheden wordt het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening toegewezen, waardoor uitzetting wordt opgeschort totdat op het bezwaar is beslist. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht van verzoeker vergoed.
De uitspraak is definitief en er staat geen gewoon rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting wordt opgeschort totdat op het bezwaar is beslist.