ECLI:NL:RBSGR:2000:AB1210
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring wegens ontbreken concrete aanwijzingen illegaal verblijf
De vreemdeling werd op 14 november 2000 staande gehouden en in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet. De bewaring volgde op een controle aan een woning waar eerder een illegale vreemdeling was aangetroffen en een adres dat was opgegeven door een vreemdeling met vals paspoort.
De rechtbank oordeelt dat de staandehouding onrechtmatig was omdat niet is gepreciseerd op welke ROA-regel de controle was gebaseerd en welke overtreding mogelijk werd begaan. De genoemde factoren door verweerder waren onvoldoende concrete aanwijzingen voor illegaal verblijf en waren niet terug te voeren op het proces-verbaal.
De bewaring die daarop volgde wordt daarmee eveneens onrechtmatig geacht. De rechtbank kent de vreemdeling een schadevergoeding toe van ƒ 2.000,-- (ƒ 200,-- per dag over 10 dagen) en veroordeelt verweerder in de proceskosten van ƒ 1.420,--. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open voor zover het schadevergoeding betreft.
Uitkomst: De bewaring van de vreemdeling is onrechtmatig verklaard en er is een schadevergoeding van ƒ 2.000,-- toegekend.