ECLI:NL:RBSGR:2000:AB1133
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.H. Schotman
- M.C.C. van de Schepop
- K.I. Hilberts
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen buitenbehandelingstelling verblijfsvergunning wegens mvv-vereiste
Eiser diende op 19 februari 1999 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning op grond van klemmende redenen van humanitaire aard. Na de invoering van het mvv-vereiste op 11 december 1998 werden vergunningen verleend aan zogenaamde witte illegalen zonder dat aan het mvv-vereiste werd voldaan, terwijl dit wettelijk verplicht is. Verweerder beriep zich op een inherente afwijkingsbevoegdheid, maar de rechtbank oordeelde dat het mvv-vereiste een wettelijk voorschrift is en niet kan worden genegeerd via deze bevoegdheid.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom eiser niet tot de categorie van witte illegalen behoorde die in de Agneskerk-zaken van het mvv-vereiste werden vrijgesteld. Het besluit ontbeerde daardoor een draagkrachtige motivering en werd vernietigd. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Het verzoek om een voorlopige voorziening tot schorsing van de uitzetting werd afgewezen, omdat het beroep gegrond was en de hoofdzaak eerst moest worden afgewacht. De rechtbank gaf verweerder tevens in overweging om bij een positieve beslissing de verblijfsaanvaarding met ingang van de datum van de onderhavige aanvraag te laten gelden om onnodig procederen te voorkomen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot buitenbehandelingstelling wordt vernietigd.