ECLI:NL:RBSGR:2000:AA9255
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning vluchtelingenstatus aan Tamil uit Sri Lanka wegens persoonlijke vervolgingsdreiging
Eiser, een Tamil uit Sri Lanka, heeft meerdere malen te maken gehad met arrestaties en detenties door de Srilankaanse autoriteiten vanwege vermeende betrokkenheid bij de LTTE. Ondanks vrijlatingen na korte detenties, oordeelt de rechtbank dat het persoonlijke karakter en de frequentie van de arrestaties wijzen op gerichte negatieve aandacht.
De rechtbank stelt vast dat eiser behoort tot een risicogroep van jonge Tamils met beperkte kennis van het Singalees en vermoedelijke LTTE-activiteiten, wat hem extra kwetsbaar maakt. Verweerder had het bezwaar tegen de niet-toekenning van vluchtelingenstatus ongegrond verklaard, stellende dat er geen sprake was van 'singled out'.
De rechtbank verwerpt dit standpunt en benadrukt dat ook vermeende of toegerekende politieke activiteiten kunnen leiden tot gegronde vrees voor vervolging. Het feit dat eiser herhaaldelijk thuis werd gearresteerd, gemarteld en onder druk gezet, bevestigt deze persoonlijke negatieve aandacht.
Gelet op de algemene situatie in Sri Lanka en de specifieke omstandigheden van eiser, concludeert de rechtbank dat er voldoende grond is voor erkenning als vluchteling. Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit en tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de vluchtelingenstatus wordt toegekend wegens gegronde vrees voor vervolging.