ECLI:NL:RBSGR:2000:AA8387
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Stehouwer
- D.J. de Lange
- J. Grijns
- Rechtspraak.nl
Afwijzing van verzoek om vergunning tot verblijf op grond van driejarenbeleid en humanitaire redenen
Eiser, een Sri Lankaanse vreemdeling, heeft in januari 1994 een aanvraag ingediend voor toelating als vluchteling en een vergunning tot verblijf. Deze aanvragen werden afgewezen wegens kennelijke ongegrondheid. Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank, waarbij hij onder meer een beroep deed op het driejarenbeleid en klemmende humanitaire redenen, waaronder de moord op zijn broer in Sri Lanka.
De rechtbank overwoog dat eiser geen aanspraak kon maken op het driejarenbeleid omdat hij ten tijde van zijn aanvraag al een onherroepelijke beslissing op zijn asielaanvraag had ontvangen. Daarnaast was niet aannemelijk gemaakt dat eiser een verhoogd risico liep op onmenselijke behandeling bij terugkeer, zoals bedoeld in artikel 3 EVRM Pro. De informatie over de dood van zijn broer was niet objectief onderbouwd.
De rechtbank oordeelde dat het beleid van verweerder om in de beroepsfase niet ambtshalve te toetsen aan het driejarenbeleid niet onredelijk is en niet in strijd met algemene rechtsbeginselen. Eiser had een nieuwe aanvraag moeten indienen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn aanvraag om een verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.