ECLI:NL:RBSGR:2000:AA6647
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar vluchtelingentoelating
Eiser, geboren in Burundi, verzocht op 5 oktober 1998 om toelating als vluchteling in Nederland. Zijn aanvraag werd op 25 januari 1999 afgewezen wegens kennelijke ongegrondheid. Het daaropvolgende bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser niet binnen de gestelde termijn de gronden van het bezwaar had ingediend.
Eiser stelde dat het besluit onzorgvuldig was voorbereid en dat hij ten onrechte niet was gehoord, en voerde aan dat hij vluchteling was in de zin van het Vluchtelingenverdrag en recht had op toelating. Verweerder betwistte de authenticiteit van de overgelegde documenten en stelde dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij de Burundese nationaliteit bezat of dat hij een reëel risico liep op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht het bezwaar niet-ontvankelijk had verklaard en dat er geen sprake was van schending van het non-refoulementverbod. De door eiser overgelegde documenten en verklaringen boden geen aanknopingspunt voor vluchtelingenstatus. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de niet-ontvankelijkverklaring van zijn bezwaar is ongegrond verklaard.