ECLI:NL:RBSGR:1999:AA6566
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing visumaanvraag voor kortdurend familiebezoek wegens onvoldoende solvabele garantsteller
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit bezittende persoon, diende een aanvraag in voor een toeristisch visum met het doel familiebezoek in Nederland. De aanvraag werd door de Minister van Buitenlandse Zaken afgewezen omdat eiser niet voldeed aan de voorwaarden, met name het beschikken over voldoende middelen van bestaan of een solvabele garantsteller.
Eiser betoogde dat zijn neef, de referent, de kosten van het verblijf kon dragen en dat een derde garantsteller eveneens aan de solvabiliteitseis voldeed. De rechtbank oordeelde echter dat de persoonlijke omstandigheden van eiser niet relevant zijn voor de solvabiliteit van de garantsteller, die aan objectieve criteria moet voldoen, waaronder een netto-inkomen gelijk aan het bijstandsniveau.
Verder werd meegewogen dat eiser eerder een machtiging tot voorlopig verblijf had aangevraagd die was afgewezen, wat aanleiding gaf tot twijfel over de tijdelijke aard van het verblijf. De rechtbank concludeerde dat de Minister terecht het visum had geweigerd en dat er geen humanitaire redenen waren om hiervan af te wijken.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werden geen kosten aan partijen opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de visumaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende solvabele garantsteller.