Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 1 juli 2026 in de zaak tussen
[naam eiseres] , uit [plaats] , eiseres
Dienst Toeslagen
Samenvatting
Procesverloop
Totstandkoming van het bestreden besluit
Juridisch kader
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover daarin is beslist dat eiseres geen recht heeft op aanvullende compensatie voor inkomensschade en extra studiekosten als gevolg van studievertraging;
- herroept het besluit van 9 december 2022 voor zover daarin is beslist dat eiseres geen recht heeft op aanvullende compensatie voor inkomensschade en extra studiekosten als gevolg van studievertraging;
- bepaalt dat eiseres recht heeft op aanvullende compensatie voor de werkelijke schade, bestaande uit € 1.672,- te vermeerderen met de wettelijke rente, en € 27.525,-, in totaal te vermeerderen met 1%, steeds op de in deze uitspraak vermelde wijze;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats komt van het vernietigde gedeelte van het bestreden besluit;
- bepaalt dat de Dienst Toeslagen het griffierecht van € 53,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt de Dienst Toeslagen tot betaling van € 3.200,- aan proceskosten aan eiseres.