Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- het verzoekschrift (ontvangen op 19 januari 2026), met bijlagen 1 tot en met 11;
- het exploot van 3 februari 2026 waarmee het verzoekschrift en de oproepingsbrief voor de zitting betekend zijn aan AHR Clean.
2.De beoordeling
3.De beslissing
- betaling aan [verzoekster] van € 165,26 bruto aan transitievergoeding, met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro daarover vanaf 1 december 2025 tot de dag dat volledig is betaald;
- betaling aan [verzoekster] van € 4.220,25 bruto aan loon van mei 2025 tot en met oktober 2025, vakantiegeld en vakantiedagen, met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de verschillende bedragen aan loon, vakantiegeld en vakantiedagen, die opgeteld het bedrag van € 4.220,25 bruto opleveren, steeds vanaf de data waarop deze bedragen verschuldigd zijn geworden tot de dag dat volledig is betaald;
- betaling aan [verzoekster] van € 2.110,13 bruto aan wettelijke verhoging, met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de bedragen die opgeteld het bedrag van € 2.110,13 bruto opleveren, steeds vanaf de data waarop deze bedragen verschuldigd zijn geworden tot de dag dat volledig is betaald;
- verstrekking aan [verzoekster] van salarisspecificaties van de betaling van voormelde bedragen aan transitievergoeding, loon, vakantiegeld, vakantiedagen, en wettelijke verhoging, onder verbeurte van een dwangsom van € 50,- per dag dat AHR Clean deze specificaties niet verstrekt vanaf 7 dagen na betekening van deze beschikking, met een maximum van € 5.000,-, met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de bedragen aan dwangsom, steeds vanaf de data waarop deze bedragen verschuldigd zijn geworden tot de dag dat volledig is betaald;
- betaling aan [verzoekster] van € 846,74 aan buitengerechtelijke kosten, met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf 19 januari 2026 tot de dag dat volledig is betaald;