Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1..UAB BALTIC TRANSLINE,2. BTL GROUP UAB,
1.De procedure
- de dagvaarding in vrijwaring van 26 februari 2025, met bijlagen 1 tot en met 4, en de daarbij overgelegde buitenlandse betekeningsstukken;
- het verzoek tot aanhouding (art. 30 EEX Pro) en incidentele conclusie oproeping in vrijwaring, met bijlagen 1 tot en met 6;
- de conclusie van antwoord in het incident houdende verzoek tot aanhouding (art. 30 EEX Pro) tevens oproeping in vrijwaring, met bijlagen 5 tot en met 7.
2.Het geschil in de vrijwaringszaak
3.De beoordeling in het incident tot aanhouding
1. Wanneer samenhangende vorderingen aanhangig zijn voor gerechten van verschillende lidstaten, kan het gerecht waarbij de zaak het laatst is aangebracht, zijn uitspraak aanhouden.
1. Voor de toepassing van deze afdeling wordt een zaak geacht te zijn aangebracht bij een gerecht:
op het tijdstip waarop het stuk dat het geding inleidt of een gelijkwaardig stuk bij het gerecht wordt ingediend, mits de eiser vervolgens niet heeft nagelaten te doen wat hij met het oog op de betekening of de kennisgeving van het stuk aan de verweerder moest doen, of
indien het stuk betekend of meegedeeld moet worden voor dat het bij het gerecht wordt ingediend, op het tijdstip waarop de autoriteit die verantwoordelijk is voor de betekening of de kennisgeving het stuk ontvangt, mits de eiser vervolgens niet heeft nagelaten te doen wat hij met het oog op de indiening van het stuk bij het gerecht moest doen.
178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
4.De beoordeling in het incident tot (onder)vrijwaring
5.Ambtshalve beoordeling in de vrijwaringszaak
6.De beslissing
11 maart 2026;
11 maart 2026voor conclusie van antwoord;
3349 / 2459