ECLI:NL:RBROT:2026:763
Rechtbank Rotterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Vernietiging LEMG wegens onvoldoende zorgvuldige snelheidsmeting en gedeeltelijke toekenning schadevergoeding
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de aan hem opgelegde lichte educatieve maatregel gedrag en verkeer (LEMG) door het CBR. De kern van het geschil betreft de vraag of de snelheid van eiser voldoende zorgvuldig is vastgesteld door een verbalisant die in een auto voor eiser reed.
Tijdens de zitting heeft het CBR verklaard dat de snelheidsmeting plaatsvond toen eiser de politieauto inliep, maar uit de dashcambeelden van eiser blijkt dat de afstand tussen de auto's niet constant bleef en dat de politieauto moest remmen vanwege ander verkeer. De rechtbank oordeelt dat hoewel vaststaat dat eiser te snel reed, er te veel onduidelijkheid bestaat over de wijze van snelheidsbepaling, waardoor twijfel bestaat over de juistheid van de meting.
Daarom wordt geoordeeld dat niet voldoende vaststaat dat de snelheid de grens voor het opleggen van een LEMG overschrijdt, en wordt het besluit vernietigd. Tevens wijst de rechtbank gedeeltelijk het verzoek om schadevergoeding toe, waarbij het CBR wordt veroordeeld tot terugbetaling van opleggings- en uitvoeringskosten, vergoeding van gemaakte reiskosten en verletkosten, en vergoeding van griffierecht en proceskosten. Het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de opgelegde LEMG wegens onvoldoende zorgvuldige snelheidsmeting en wijst gedeeltelijk schadevergoeding toe aan eiser.