Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:7016

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
4 mei 2026
Publicatiedatum
17 juni 2026
Zaaknummer
83-039466-23 en 01-315428-20
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 36b SrArt. 36c Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling medeplegen invoer en bezit van 5400 stuks professioneel vuurwerk Super Cobra 6

De rechtbank Rotterdam heeft op 4 mei 2026 uitspraak gedaan in een vuurwerkzaak waarbij de verdachte werd beschuldigd van het medeplegen van het invoeren, opslaan en voorhanden hebben van 5400 stuks professioneel vuurwerk, te weten Super Cobra 6, in de periode van 13 tot en met 19 december 2022 te Boekel.

Het bewijs bestond uit verklaringen van medeverdachten, getuigenverklaringen, proces-verbalen van politieonderzoeken, foto’s van de levering en opslaglocaties, en digitale gegevens waaronder telefoonnummerkoppelingen. Uit het onderzoek bleek dat de verdachte betrokken was bij de ontvangst en opslag van het vuurwerk, dat deels was opgeslagen in de tuin van een woning.

De rechtbank kwalificeerde het bewezen feit als medeplegen van een overtreding van het Vuurwerkbesluit en de Wet milieubeheer. Gelet op de ernst van het feit, de risico’s van het professioneel vuurwerk en de maatschappelijke impact, legde de rechtbank een gevangenisstraf op van 15 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. De redelijke termijn was fors overschreden, wat in het voordeel van de verdachte werd meegewogen.

De rechtbank wees tevens de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf af, omdat de proeftijd inmiddels was verstreken. Het in beslag genomen vuurwerk werd onttrokken aan het verkeer. De uitspraak werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam
Meervoudige economische kamer strafzaken
Parketnummer: 83-039466-23
Parketnummer tenuitvoerlegging (TUL): 01-315428-20
Datum uitspraak: 4 mei 2026
Datum zitting: 20 april 2026
Verstek
Verdachte:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1998 in [geboorteplaats]
ingeschreven op het adres [adres 1], [postcode] te [plaatsnaam].
Advocaat van de verdachte: mr. W.B.O. van Soest (niet gemachtigd)
Officier van justitie: mr. A.A. de Groot

1.Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij – samengevat – samen met anderen in totaal 5400 stuks professioneel vuurwerk, te weten Super Cobra 6, binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht, heeft opgeslagen en deze voorhanden heeft gehad.
De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat:
hij, in de periode van 13 december 2022 tot en met 19 december 2022, te Boekel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, te weten 5400 stuks Super Cobra 6, binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of (achter een
bedrijfspand gelegen aan de [adres 2] en/of (vervolgens) in de tuin van een woning gelegen aan de [adres 1]) heeft opgeslagen en/of voorhanden heeft gehad.

2.Bewijs

2.1.
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld voor het feit waarvan hij beschuldigd wordt.
2.2.
Oordeel van de rechtbank
2.2.1.
Bewezenverklaring en bewijsmiddelen
Bewezen is dat:
hij, in de periode van 13 december 2022 tot en met 19 december 2022, te Boekel, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, te weten 5400 stuks Super Cobra 6, binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht en voorhanden heeft gehad, en daarvan 1119 stuks opgeslagen heeft gehad in de tuin van een woning gelegen aan de [adres 1].
De bewezenverklaring van de beschuldiging is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen [1] .
1.
Proces-verbaal van de politie, verklaring [medeverdachte 1] [2]
V: Heb jij de pallet met 5400 stuks Cobra 6, die op dinsdag 13 december 2022 is geleverd bij [naam restaurant] in Boekel, in Italië besteld en laten bezorgen?
A: Ja.
2.
Proces-verbaal van de politie, verklaring [medeverdachte 2] [3]
V: Wat kun jij ons vertellen over de ontmoeting bij het Evoluon.
A: Ik ben daar gevraagd om naartoe te gaan om daar geld af te gooien.
V: Met wie had je die ontmoeting daar bij het Evoluon? Wij hebben in jouw mobiel gekeken. Wij weten met wie jij daar geweest bent, voor [medeverdachte 1].
A: Ja, met [medeverdachte 1].
V: Is dat [medeverdachte 1] die jou dat gevraagd heeft om geld te komen brengen?
A: Nee iemand anders.
V: Die drie duizend euro, voor wat voor soort vuurwerk was dat?
A: Dat heb je net zelf al gezegd, cobra's. Op de doos stond cobra.
V: In dat gesprek wat we opgenomen hebben, hebben jullie het over een 06-nummer?
A: [medeverdachte 1] zei dat hij een telefoonnummer moest hebben voor de leverancier.
V: Welk telefoonnummer moest jij geven?
A: Ik heb dat nummer doorgekregen van de persoon om het zo maar te noemen waarvan ik de naam niet ga noemen.
V: En dan [medeverdachte 2]?
A: Twee weken later kreeg ik bericht dat het er aan zou komen. Toen stuurde ik een berichtje naar die andere jongen.
V: Van wie kreeg je dat bericht dat het onderweg was?
A: [medeverdachte 1] zelf.
V: Dus [medeverdachte 1] zei het pakket is onderweg?
A: Ja.
V: Wij kunnen aantonen dat jij daar met [verdachte] was.
A: Hoe weet je dat?
V: Hoe kwam je nou aan dat adres?
A: Dat was doorgegeven aan [medeverdachte 1].
V: Zegt jou de [adres 2] iets?
A: Het adres zegt me niks maar ik ben daar geweest dat weet ik wel.
V: Wat voor kleur auto had de andere aanwezige?
A: Ik ben kleurenblind maar grijs?
V: Heb jij dozen vuurwerk mee in de auto van [verdachte] geladen?
A: Er werd mij gevraagd of ik kon helpen sjouwen en dat waren 3 dozen maar wie dat was ga ik echt niet zeggen, dat kan ik echt niet.
V: Wat heb je er aan overgehouden?
A: 300 euro.
V: Van wie heb je dat geld gehad dan?
A: Dat heb ik nog niet eens gehad, dat is het erge.
3.
Proces-verbaal van de politie, binnentreden [adres 1] [4]
Verslag van binnentreden in woning [adres 1], [postcode] [plaatsnaam].
19 december 2022.
In de tuin, onder een overkapping stonden 7 gesloten verpakkingen (dozen) cobra's en 1 geopende doos met cobra's. In een gesloten doos zitten 150 stuks cobra's.
4.
Proces-verbaal van de politie, onderzoek vuurwerk [adres 1] [5]
Lijst III Bangers - (zwaar knalvuurwerk: categorie F4 en/of niet ingedeeld) – 1119 stuks.
Ik zag dat het door mij onderzochte vuurwerk was voorzien van de categorie-indeling F4. Dit vuurwerk is aan te merken als professioneel vuurwerk.
5.
Proces-verbaal van de politie, onderzoek telefoonnummer [6]
Uit het onderzoek Ellesmere is gebleken dat er op 13 december 2022, een europallet met daarop 5400 cobra’s is bezorgd op het adres [adres 2].
Op de pakbon van deze zending stond vermeld dat de koerier van de pallet contact moest
opnemen met het mobiele gsm nummer [telefoonnummer 1] voor de aflevering.
Er is in Blueview gekeken naar het genoemde nummer. Daaruit komt een vermelding uit
2021 waarin dit mobiele nummer is gekoppeld aan: [verdachte] geboren op [geboortedatum]-1998 te [geboorteplaats] ([geboorteland]), wonende [adres 1].
6.
Proces-verbaal van de politie, verklaring [getuige] [7]
Ik ben de voormalige eigenaar van het [naam restaurant]", [adres 2]. Ongeveer een week geleden voor de levering waarover u het heeft, werd ik gebeld door [verdachte]. Volgens mij komt [verdachte] uit [plaatsnaam]. [verdachte] vroeg mij of hij een pakket of pallet mocht laten afleveren bij het restaurant.
Ik zag dat er onder het afdak een grote doos op een pallet stond. Ik zag twee personen bij de pallet waarvan ik er één herkende als [verdachte]. De andere man had ik nog nooit gezien. Ik zag dat [verdachte] en de andere man bezig waren met het inladen van kleine dozen vanuit de grote doos op de pallet. De kleine dozen werden in de grijze auto geladen.
Het telefoonnummer [telefoonnummer 1] dat u opzocht is vermoedelijk het oude telefoonnummer van [verdachte].
7.
Proces-verbaal van de politie, onderzoek foto’s Grieks restaurant [8]
Na afloop van het verhoor van [naam 1], eigenaar van het [naam restaurant], stuurde hij per app foto's die door de schoonmaakster waren gemaakt en aan hem waren doorgestuurd. Het betrof hier foto's van de bij het restaurant afgeleverde pallet.
Foto 4:
Ik zag dat hierop de transporteur BRT S.p.A stond vermeld, alsmede de verzender: Autolavaggio de fusco, [adres 3]. Als afleveradres stond vermeld: [naam restaurant], [adres 2].
Foto 5:
Ik zag dat het hier om een "documento di ritiro" van transporteur BRT ging. Als verzender stond vermeld: Autolavaggio de fusco c/o centro servizi SRL, Via [adres 4], telefoonnummer [telefoonnummer 2]. Als bestemming stond genoemde horecazaak vermeld met het telefoonnummer [telefoonnummer 1].
8.
Proces-verbaal van de politie, tekenen voor levering [9]
Op 15 december 2022 werd een mail van [naam 2] van [naam bedrijf] ontvangen waaruit bleek dat er die week een tweede zending afkomstig van "Autolavaggio" vanuit Italië was gearriveerd en dat deze was afgeleverd bij Grieks Mediterraans Restaurant, [adres 2]. Het telefoonnummer van de ontvanger zou [telefoonnummer 1] betreffen. Uit het bijgevoegde document "Proof of delivery" bleek dat voor de aflevering bij genoemd restaurant was getekend door "[verdachte]" met het mobiel telefoonnummer [telefoonnummer 1].

3.Kwalificatie en strafbaarheid

3.1.
Kwalificatie
Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:
medeplegen van overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer juncto artikel 1.2.2 lid 1 Vuurwerkbesluit, opzettelijk begaan.
3.2.
Strafbaarheid van het feit en van de verdachte
Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

4.Straf

4.1.
Eis van de officier van justitie
De verdachte moet voor het feit veroordeeld worden tot een gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden.
4.2.
Oordeel van de rechtbank
4.2.1.
Ernst en omstandigheden van het feit
De verdachte heeft samen met zijn medeverdachten een enorme hoeveelheid professioneel vuurwerk, namelijk 5400 stuks Super Cobra 6, naar Nederland gebracht en opgeslagen. Duizenden cobra’s van deze partij zijn nooit teruggevonden. De verdachte heeft met zijn handelen onaanvaardbare risico’s genomen. Cobra’s zijn namelijk ‘massa-explosief’, wat betekent dat wanneer één cobra tot ontbranding komt de gehele partij in een keer explodeert. Indien dit gebeurd zou zijn tijdens het transport via de openbare weg of bij de opslaglocatie, zou de schade voor mens en goed enorm zijn geweest. Dat dit niet is gebeurd, is een kwestie van toeval en geenszins aan het handelen van de verdachte te danken.
Het is algemeen bekend dat cobra’s gevaar kunnen opleveren voor de veiligheid, omdat deze een grotere explosieve lading bevatten dan het vuurwerk dat aan consumenten verkocht mag worden. Het afsteken van cobra’s brengt dan ook grote risico’s mee voor degene die het afsteekt maar ook voor eventuele omstanders. Cobra’s worden regelmatig gebruikt bij aanslagen op woningen . Dergelijke aanslagen zorgen voor gevoelens van onveiligheid in de samenleving. Door cobra’s te importeren faciliteert de verdachte de plegers van aanslagen.
4.2.2.
Persoon en persoonlijke omstandigheden
Strafblad
Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 12 maart 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.
4.2.3.
Redelijke termijn
De verdachte moet binnen een redelijke termijn worden berecht. De redelijke termijn is in dit geval gestart op 19 december 2022, omdat op die dag zijn woning is doorzocht. Tot aan dit vonnis is sindsdien een periode van 3 jaar en 5 maanden verstreken. Omdat er geen sprake is van bijzondere omstandigheden, is de redelijke termijn in deze zaak twee jaar. Dat betekent dat de redelijke termijn fors is overschreden. De rechtbank zal in het voordeel van de verdachte rekening houden met deze overschrijding bij het bepalen van de op te leggen straf.
4.2.4.
Oplegging straf
Straf
Gelet op de ernst van het strafbare feit dient een gevangenisstraf te worden opgelegd. Het opleggen van een ander soort straf is niet passend. Bij het bepalen van die strafsoort en de duur daarvan houdt de rechtbank rekening met straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. Mede gelet op de voornoemde overschrijding van de redelijke termijn, acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, en aan het voorwaardelijk deel verbonden een proeftijd voor de duur van 2 jaren, passend en geboden. Het voorwaardelijke strafdeel heeft ook als doel te voorkomen dat de verdachte in de toekomst opnieuw een strafbaar feit pleegt.

5.In beslag genomen voorwerpen

Omdat het in beslag genomen vuurwerk het onderwerp is van het bewezenverklaarde feit en het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet, zal het vuurwerk worden onttrokken aan het verkeer.

6.Vordering tot tenuitvoerlegging

6.1.
Vordering
De officier van justitie heeft voorafgaand aan de zitting een vordering ingediend tot tenuitvoerlegging van de aan de verdachte voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van twee maanden, omdat de verdachte zich niet heeft gehouden aan de algemene voorwaarde dat hij zich niet opnieuw schuldig zal maken aan strafbare feiten.
6.2.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich tijdens de zitting op het standpunt gesteld dat de vordering moet worden afgewezen.
6.3.
Oordeel van de rechtbank
Het nu bewezen feit is tijdens de proeftijd gepleegd. Door het plegen van het feit heeft de verdachte zich niet gehouden aan de aan het vonnis verbonden algemene voorwaarde dat hij voor het einde van de proeftijd geen nieuwe strafbare feiten zou plegen.
Desondanks ziet de rechtbank af van de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf. De proeftijd van deze voorwaardelijke straf is inmiddels al enige tijd afgelopen, zodat de tenuitvoerlegging van deze straf niet meer opportuun is. De vordering wordt afgewezen.

7.Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36b, 36c en 47 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 1a, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten, artikel 9.2.2.1 van de Wet Milieubeheer en artikel 1.2.2 van het Vuurwerkbesluit.

8.Beslissingen

De rechtbank:
Bewezenverklaring
verklaart bewezen dat de verdachte het feit, zoals hiervoor omschreven, heeft gepleegd;
Kwalificatie en strafbaarheid
stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het voornoemde strafbare feit;
verklaart de verdachte strafbaar;
Straf
Gevangenisstraf
veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstraf van 15 maanden;
bepaalt dat
6 maanden van deze gevangenisstrafniet ten uitvoer zullen worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;
verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op 2 jaren, waarbij tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke gedeelte van de straf kan worden beslist als de verdachte de onderstaande algemene voorwaarde niet naleeft;
stelt als algemene voorwaarde dat:
- de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maakt;
Tenuitvoerlegging voorwaardelijke straf 01-315428-20
wijst af de gevorderde tenuitvoerlegging van de in het vonnis met parketnummer 01-315428-20 aan de verdachte opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf;
In beslag genomen voorwerpen
- verklaart voor het bewezenverklaarde feit onttrokken aan het verkeer het inbeslaggenomen vuurwerk.

9.Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:
mr. C.M. Derijks, voorzitter,
en mrs. D.C.J. Peeck en A.S. Flikweert, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. M.S. Westhof, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 4 mei 2026.

Voetnoten

1.De exacte vindplaatsen van de bewijsmiddelen zijn genoemd in de bijbehorende voetnoot. Als wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het zaaksdossier.
2.Pagina’s 1146 t/m 1154 van het zaaksdossier Ellesmere ([proces-verbaalnummer 1]).
3.Pagina’s 1055 t/m 1066 van het zaaksdossier Ellesmere ([proces-verbaalnummer 2]).
4.Pagina’s 744 t/m 745 van het zaaksdossier Ellesmere ([proces-verbaalnummer 3]).
5.Pagina’s 732 t/m 741 van het zaaksdossier Ellesmere ([proces-verbaalnummer 4]).
6.Pagina’s 742 t/m 743 van het zaaksdossier Ellesmere ([proces-verbaalnummer 5]).
7.Pagina’s 1052 t/m 1053 van het zaaksdossier Ellesmere ([proces-verbaalnummer 6]).
8.Pagina’s 468 t/m 474 van het zaaksdossier Ellesmere ([proces-verbaalnummer 7]).
9.Pagina’s 465 t/m 466 van het zaaksdossier Ellesmere ([proces-verbaalnummer 8]).