ECLI:NL:RBROT:2026:7008
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betwisting betalingscapaciteit in terugvordering toeslagen na vrijwillige inburgeringscursus
Eiseres is het niet eens met de betalingscapaciteit die de Dienst Toeslagen heeft vastgesteld in het kader van een terugvordering van huur- en zorgtoeslag over de jaren 2019, 2020 en 2022, met een totaalbedrag van € 10.829,-. Zij heeft een betalingsregeling verzocht en stelt dat de vastgestelde capaciteit van € 413,- per maand te hoog is, mede omdat zij geen inkomen heeft en een vrijwillige inburgeringscursus van € 500,- per maand volgt.
De Dienst Toeslagen heeft de betalingscapaciteit berekend op basis van de door eiseres verstrekte gegevens en heeft geen rekening gehouden met de kosten van de inburgeringscursus, omdat deze vrijwillig werd gevolgd en niet als een aanvaardbare uitgave wordt gezien die samenhangt met de maatschappelijke positie van eiseres.
De rechtbank oordeelt dat de Dienst Toeslagen terecht heeft gehandeld en dat het beroep ongegrond is. De vastgestelde betalingscapaciteit blijft gehandhaafd. Eiseres kan bij wijziging van haar situatie een nieuw verzoek indienen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de vastgestelde betalingscapaciteit van € 413 per maand wordt ongegrond verklaard.