Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:6844

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
20 mei 2026
Publicatiedatum
15 juni 2026
Zaaknummer
ROT 23/6723
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2.1 Wet hersteloperatie toeslagenArt. 8:14 AwbArt. 8:54 AwbArt. 8:75a Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep tegen toeslagenbesluit

Verzoeker stelde beroep in tegen besluiten van de Dienst Toeslagen omtrent compensatie op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen en tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar. Na ontvangst van een SAS-rapport via een ander besluitvormingstraject trok verzoeker het beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.

De rechtbank oordeelt dat de Dienst Toeslagen niet aan verzoeker is tegemoetgekomen in het kader van het ingestelde beroep, omdat verzoeker niet heeft gespecificeerd welke informatie ontbrak en het SAS-rapport niet in het kader van het beroep is verstrekt. Ook het beroep tegen het niet tijdig beslissen was niet gegrond omdat de Dienst Toeslagen inmiddels op het bezwaar had beslist.

Daarom is het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. De uitspraak is gedaan door rechter Ferwerda en griffier Blokhuis op 20 mei 2026.

Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat de Dienst Toeslagen niet is tegemoetgekomen aan het beroep.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 23/6723

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 mei 2026 in de zaak tussen

[naam 1] , uit [plaats] , verzoeker

(gemachtigde: mr. N. Köse-Albayrak),
en

Dienst Toeslagen

(gemachtigde: [naam 2] ).

Procesverloop

Met het besluit van 28 september 2023 heeft de Dienst Toeslagen het bezwaar van verzoeker tegen het besluit van 8 maart 2022 over de gewone compensatie op grond van artikel 2.1, eerste lid, van de Wet hersteloperatie toeslagen, gegrond verklaard.
Verzoeker heeft op 3 oktober 2023 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar van verzoeker tegen het besluit van 8 maart 2022.
Verzoeker heeft op 8 november 2023 beroep ingesteld tegen het besluit van 28 september 2023.
De rechtbank heeft de beroepen van verzoeker gevoegd. [1]
Verzoeker heeft het beroep ingetrokken en verzocht de Dienst Toeslagen te veroordelen in de proceskosten.
De Dienst Toeslagen heeft op het verzoek gereageerd.
De rechtbank heeft het onderzoek gesloten. [2]

Overwegingen

1. Als een beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, kan de bestuursrechter op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. [3]
2. Verzoeker betoogt dat de Dienst Toeslagen in de proceskosten moet worden veroordeeld, omdat het instellen van het beroep noodzakelijk was om informatie te verkrijgen. Verzoeker heeft bij het instellen van het beroep om zijn persoonlijk dossier verzocht. Inmiddels heeft verzoeker via een ander besluitvormingstraject, namelijk een aanvraag om aanvullende compensatie voor de werkelijke schade, alsnog een zogenoemd SAS-rapport ontvangen, waaruit blijkt in welke jaren hij kinderopvangtoeslag heeft aangevraagd. Op basis van deze informatie heeft verzoeker vastgesteld dat geen geschil meer bestaat over de toeslagjaren waarin compensatie is toegekend en het beroep ingetrokken.
3. De Dienst Toeslagen stelt zich op het standpunt dat verzoeker geen recht heeft op een proceskostenvergoeding, omdat geen sprake is van een geheel of gedeeltelijk tegemoetkomen aan het beroep. De Dienst Toeslagen heeft het persoonlijk dossier niet aan verzoeker verstrekt in het kader van het door hem ingestelde beroep.
4. Naar het oordeel van de rechtbank is de Dienst Toeslagen niet aan verzoeker tegemoetgekomen. Het verzoek is kennelijk ongegrond. De rechtbank licht dat hierna toe.
4.1.
Voor zover het beroep betrekking heeft op het besluit van 28 september 2023, geldt dat verzoeker in zijn beroep niet heeft gespecificeerd welke informatie ontbrak. Uit het generiek geformuleerde beroepschrift en het aanvullende beroepschrift was bovendien niet af te leiden dat het geschil kennelijk was toegespitst op de vraag of de toegekende compensatie zag op de juiste toeslagjaren. Dat de Dienst Toeslagen in het kader van een ander besluitvormingstraject een SAS-rapport aan verzoeker heeft verstrekt, kan daarom niet worden aangemerkt als het tegemoetkomen aan het beroep van verzoeker.
4.2.
Voor zover het beroep betrekking heeft op het niet tijdig beslissen op het bezwaar van verzoeker tegen het besluit van 8 maart 2022, geldt dat verzoeker dat beroep heeft ingesteld nadat de Dienst Toeslagen met het besluit van 23 september 2023 op dat bezwaar heeft beslist. Ook in zoverre is de Dienst Toeslagen dus niet tegemoetgekomen aan het beroep van verzoeker.

Beslissing

De rechtbank wijst het verzoek om vergoeding van de proceskosten af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.P. Ferwerda, rechter, in aanwezigheid van mr. R. Blokhuis, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 20 mei 2026.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Artikel 8:14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.Artikelen 8:54, eerste lid, en 8:75a, derde lid, van de Awb.
3.Artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb.