Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, hierna: de GI,
1.De procedure
- de verwijsbeschikking van de rechtbank Amsterdam van 22 augustus 2025 met daarbij het verzoekschrift met bijlagen van de man van 6 augustus 2025;
- het bericht met bijlagen van de man van 22 september 2025;
- het bericht met bijlagen van de man van 6 november 2025.
- de man, bijgestaan door mr. C. Guzel als waarnemend advocaat;
- de GI, vertegenwoordigd door [naam 2];
- de vrouw, bijgestaan door mr. N. Schiettekatte als waarnemend advocaat;
- [naam 1];
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), als adviseur, vertegenwoordigd door [naam 3].
3.De beoordeling
- Is er, gelet op het ontbreken van contact tussen de vrouw en de minderjarigen, sprake van een dusdanig ernstig bedreigde ontwikkeling van de minderjarigen dat een ondertoezichtstelling noodzakelijk is?
- Zijn er andere feiten en/of omstandigheden die – bij toewijzing van het gezag aan de man – gegronde vrees voor het verwaarlozen van de belangen de minderjarigen zouden opleveren?
- Op welke wijze is contactherstel tussen de vrouw en de minderjarigen mogelijk?
- Welke omgangsregeling met de vrouw komt het meest tegemoet aan de belangen van de minderjarigen?
- Hoe moet de regeling qua aard, duur en frequentie vorm gegeven te worden?
- Welke andere feiten en/of omstandigheden die uit het onderzoek zijn gekomen, zijn niet in voorgaande vraag aan de orde gesteld en zijn wel van belang om in het advies te vermelden?
4.De beslissing
1 maart 2027 PRO FORMA.