Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Het procesverloop
- de juridische vader, bijgestaan door zijn advocaat;
- de moeder;
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), als adviseur, vertegenwoordigd door [persoon A] .
2.De feiten
3.De beoordeling
* Artikel 1:251a lid 4 Burgerlijk Wetboek (hierna: BW): de rechter kan na ontbinding van het huwelijk ambtshalve bepalen dat het gezag aan één van de ouders toekomt indien hem blijkt dat de minderjarige hierop prijs stelt;
* Artikel 1:253a lid 4 jo. 1:377g BW: als sprake is van gezamenlijk gezag kan de rechter, naar aanleiding van een aanvraag van de minderjarige, ambtshalve een beslissing nemen over de zorgregeling of een informatieregeling tussen de ouders onderling en derden;
* Artikel 1:377g BW: als sprake is van eenhoofdig gezag kan de rechter, naar aanleiding van een aanvraag van de minderjarige, ambtshalve beslissen over omgang (1:377a en 1:377e BW) en informatie en consultatie (1:377b BW);
* Artikel 1:250 BW Pro: de benoeming van een bijzondere curator.