Uitspraak
1.Tenlastelegging
2.Bewijs
3.Kwalificatie en strafbaarheid
4.Straf
5.Wettelijke voorschriften
6.Beslissingen
gevangenisstraf van 10 (tien) maanden;
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 15 april 2026 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die op 19 december 2025 te Zwijndrecht en/of Purmerend twee omgebouwde vuurwapens met bijbehorende munitie bij zich had. Eén vuurwapen was een omgebouwd alarmpistool van het merk Blow, type TR92K, kaliber 9 mm Br c., en het andere een omgebouwd gaspistool van het merk Retay, type R26, kaliber .380 Auto. De verdachte werd aangehouden nadat hij werd gezien met de wapens in zijn bezit, waaronder een schietklaar pistool in zijn jaszak.
De verdediging pleitte vrijspraak voor het vuurwapen uit de tas (Retay R26) wegens gebrek aan bewijs van beschikkingsmacht, maar de rechtbank oordeelde dat de verdachte zich bewust was van het bezit en beschikkingsmacht had, ook al was de tijdspanne kort. Medeplegen werd verworpen wegens onvoldoende bewijs van nauwe samenwerking. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte beide vuurwapens met munitie voorhanden had.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van tien maanden op, met aftrek van voorarrest, waarbij rekening werd gehouden met de ernst van het feit, het strafblad van de verdachte en de maatschappelijke risico’s van vuurwapenbezit. De reclassering adviseerde een straf zonder bijzondere voorwaarden vanwege het hoge recidiverisico. De verdachte had een eerdere veroordeling voor het bezit van een steekwapen, wat strafverhogend werkte. De straf is passend geacht gezien de omstandigheden en de LOVS-richtlijnen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot tien maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest voor het voorhanden hebben van twee omgebouwde vuurwapens met munitie.