Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Partijen zijn gehuwd in beperkte gemeenschap van goederen en verzoeken gezamenlijk de echtscheiding uit te spreken wegens duurzame ontwrichting van het huwelijk. De rechtbank verklaart de echtscheiding en bepaalt dat de man het voortgezet gebruik van de woning voor zes maanden mag voortzetten.
De kern van het geschil betreft de verdeling van gouden sieraden die tijdens het huwelijk zijn verkregen. Partijen verschillen van mening of deze sieraden nog aanwezig waren op de overeengekomen peildatum 1 oktober 2025 en dus deel uitmaken van de gemeenschap voor verdeling.
De man stelt dat de sieraden nog aanwezig zijn en wil deze bij helfte verdeeld zien, terwijl de vrouw betoogt dat de sieraden zijn gebruikt voor aflossing van schulden van de man en op de peildatum niet meer aanwezig waren. De man verzoekt omkering van de bewijslast, maar de rechtbank wijst dit af omdat de man onvoldoende heeft onderbouwd dat de sieraden nog aanwezig waren en bewijsnood op zichzelf onvoldoende is.
De rechtbank bepaalt dat elke partij zijn eigen proceskosten draagt en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad, behalve ten aanzien van de echtscheiding zelf. Tegen deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit, wijst het verzoek tot omkering van de bewijslast af en bepaalt dat de man de woning zes maanden mag blijven bewonen.