2.21.In het rapport van CED d.d. 27 december 2023 zijn gespreksverslagen opgenomen van gesprekken met onder meer de heer [persoon A] (hierna: [persoon A] ), bestuurder van PPT, de heer [persoon B] (hierna: [persoon B] ), werkzaam als beheerder van de panden, en met de politie, brandweer en gemeente. Een aantal passages uit het rapport is hierna geciteerd:
Gesprek op 3 oktober 2023 met de heren [persoon A] en [persoon B] :
V: Waar kunt u mij vertellen over de functie van het pand en wie er gebruik van maakten?
A: Het pand diende voor gecombineerde verhuur van kantoorruimte. De vorige huurder is failliet gegaan, daarom hebben we een Ad Hoc situatie en opslagruimte gecreëerd. Sinds 1 september 2023 zit er een kringloopwinkel in. Er waren meubels en de gehele inventaris van oude huurders opgeslagen.
V: Wat kunt u mij vertellen over de vorige huurder?
A: Dat was Stichting [naam huurder 1] […]. [naam huurder 1] was de voormalige huurder van het volledige pand. Zij verhuurden onder aan India-Nederland gerelateerde bedrijven. Dat was van alles, onder andere kantoorpanden. [naam huurder 1] ging failliet en dan zit je opeens met die huurders. [naam huurder 1] had het ook wel voor een groot gedeelte in eigen gebruik en wij hebben de huurders overgenomen. En zo hebben wij successievelijk de huurders geëlimineerd, omdat we wilden vernieuwen. We hadden een vooruitziende blik en geen zin in risico’s. We wilden ook geen leegstand creëren. Daarom hebben we een Ad Hoc situatie gecreëerd met een kringloopwinkel.
Ook hebben we expres de elektra en het gas eraf gehaald, allemaal om risico’s te vermijden. Sinds 1 september 2023 hebben we de ruimte vrij kunnen maken, nadat de laatste huurder er op 31 augustus 2023 uit is gegaan.
V: En zijn alle spullen die nog beneden liggen van [naam huurder 1] ?
A: Nee, de spullen waren van de onderhuurders van [naam huurder 1] .
V: Is er een (ver)huurcontract?
A: Ja, dat gaan wij u allemaal e-mailen.
V: Wat waren de plannen voor het pand, wilden jullie het verkopen of het bedrijf verhuizen?
A: Nee, voor de brand waren we van plan het te compartimenteren. Nieuwe muren, alles nieuw. […]
V: Klopt het dat het pand leegstaand was?
A: Nee, zeker niet, daar waakte ik juist heel erg voor. Er waren hooguit een paar muizen en ratten. We hadden de plannen om het pand grotendeels te strippen, de deuropeningen en plafonds blijven allemaal hetzelfde. De muren zijn beneden al grotendeels weggeslagen aan de voorzijde van het pand.
V: Waren er ontvlambare of brandbare spullen in het pand aanwezig en zo ja, wat en waar?
A: Nee, niets bijzonders, anders dan het campinggasflesje wat ontplofte. De elektra was afgesloten van nr. 15-17, er was ook geen gas en ook geen water.
V: Wat lagen er voor spullen in de buurt van de brandhaard?
A: Alleen meubels, maar ook (kinder)kleding, etc. Zowel buiten als binnen. Wij hebben dat opgeslagen voor onszelf, het zijn spullen van oude huurders. Dus sowieso stond het niet leeg, er was sprake van opslag.
V: Ik zag ook diverse lege bierflessen liggen beneden. Kan dat van krakers zijn geweest?
A: Voorheen zat op de eerste verdieping en de begane grond een feestzaal. Die flesjes zullen al oud zijn. Ik kan niet zeggen dat hier geen krakers kwamen, het zal best wel eens zijn gebeurd dat er een kraker binnen kwam. In onze optiek waren het geen krakers die weleens in het verleden binnendrongen, maar dieven c.q. ongeoorloofde binnendringers. De ruimte werd immers niet bewoond. Wij doen er alles aan om de ongeoorloofde binnendringers te vermijden. Dit doen wij door elke dag ronden te maken, geen gas water en licht, continue opruimen. We hebben alarmsystemen en camera’s gehad hierachter, maar die werden kapot geslagen. Toen dit voor de zoveelste keer kapot werd geslagen, zijn we zelf de rondes gaan doen door dag en nacht te controleren. De controles hebben wij uitbesteed aan [persoon C] . Hij heeft daar ook opslag voor zijn aannemerij Dutchflex en dat hij daar dag en nacht loopronden deed, was nu juist om binnendringers te verjagen.
V: Heeft u een idee hoe de brand kan zijn ontstaan, wie de brand heeft aangestoken? De brandweer zou namelijk wel van de politie hebben vernomen dat er twee dagen voor de brand krakers uit het pand zijn gezet.
A: Nee, het zou kunnen dat er misschien op dat moment iemand naar binnen is gegaan. Maar wij weten niets over krakers die een paar dagen voor de brand uit het pand zijn gezet.
In het verleden, ruim een jaar geleden, liep het pand helemaal vol met krakers. Toen hebben we er echt alles aan gedaan om beweging te krijgen in het pand. Wat wij gedaan hebben toen, is dagelijks mensen eruit gooien die er niet in horen. Het probleem wat we nu hebben is dat Ad Hoc er in zit, dus we weten niet precies wie er niet in horen. We proberen er actief mee bezig te zijn, dus door het kaal maken van het pand, alles opsluiten, opruimen, ruimtes leeg maken en ter huur aanbieden bij Ad Hoc. […]
E-mailcorrespondentie met brandonderzoekers van de brandweer:
Algemene indruk van de brandweer van begane grond:
Wat heeft de brandweer aangetroffen?
Erg veel rommel in de diverse ruimtes, we zijn blij dat hij uitslaande is geworden in ruimte 0.08 want anders had hij verder het gebouw in gegaan en waren de overige ruimte mee gaan doen in de brand. In ruimte [naam] hebben wij in de na verkenning geconstateerd dat dit meer op een slaapkamer leek met meerdere matrassen.
Indruk qua rommel
Duidelijk een pand met zwervers e.d. en ook al langere tijd niet meer in gebruik.
Overige verdiepingen:
Is de brandweer naar elke verdieping gelopen en wat hebben zij daar aangetroffen?
Wij hebben in de eerste fase een snelle verkenning van de toren gedaan op brand doorslag vanuit de laagbouw. Deze niet aangetroffen en ons verder bezig gehouden met de brandbestrijding in de laagbouw. In de afbouwfase van het incident is er door een TS alle verdiepingen van de hoogbouw verkent en bemeten op CO. Tijdens deze inzet zijn er, rond 11.45, nog twee Polen uit de hoogbouw gehaald die daar verbleven op de 6e etage. Een derde Pool is tijdens de brand gevlucht en niet meer gezien. […]
[…]Het pand kwam rommelig over en zoals de ploeg het omschreef typisch zwerverspand.
Gesprek op 25 oktober 2023 met politie en gemeente Rijswijk:
In januari 2020 kwam het pand als eerste in beeld omdat [naam huurder 1] er feesten zou geven. [naam huurder 1] huurde het pand op dat moment van PPT. Er werd geen alcoholvergunning verstrekt en er werd opgetreden tegen de activiteiten in het pand door de gemeente.
In 2020 woonde er een soort beheerder in het pand genaamd [persoon D] . Hij had een complete woning op de 5e verdieping dat leek op een soort penthouse. Dit was de beheerder van [naam huurder 1] zelf.
[…]
In januari 2021 bleek dat er sprake was van illegale coronaparty’s, goktoernooien en onrechtmatige bewoning door een kleine groep mensen. De kelder van het pand werd een aandachtspunt voor de toezichthoudende instanties.
Faillissement [naam huurder 1] in juli 2021. Een maand daarna zou de bestuurder […] zijn handen van het pand af hebben getrokken.
In juli 2021 werd door de politie/gemeente gezien dat het pand zo goed als leeg stond en dat er woonunits werden geprepareerd. Hier werd tegen opgetreden door de gemeente waarna het pand nog meer in verval raakte.
In het najaar van 2021 werd het een overlastgevend pand voor politie en gemeente vanwege onrechtmatige bewoning, door middel van braak/verbreking, van een criminele groepering uit Oost Europa.
In september 2021 nam de overlast toe. Er was sprake van een grote groep onrechtmatige/illegale bewoners. Zij maakten zich schuldig aan de diefstal van koper maar pleegden steeds zwaardere misdrijven waardoor het pand nog meer aandacht kreeg.
Nadat het pand volledig gestript was door (koper)dieven werden alle NUTS voorzieningen afgesloten in januari 2022.
[…]
In 2022 werden er woonunits waargenomen door de gemeente en werd er opnieuw een voornemen tot dwangsom voorgelegd […]
In juli 2023, twee maanden voor de brand, viel de politie en gemeente binnen voor een controle vanwege overlast van tientallen binnendringers/bewoners uit Polen en Bulgarije.
E-mail van [persoon B] d.d. 25 oktober 2023, met als bijlage een huurovereenkomst met de kringloopwinkel goedkoperbestaatniet B.V.
Voorts hebben we beiden gemeld dat [persoon C] daar ook opslag had voor zijn aannemerij Dutchflex en dat hij daar dag en nacht loopronden deed, nu juist om binnendringers te verjagen.
Ik dacht een huurcontract te hebben met Dutchflex voor het opslaggedeelte, maar dat is niet zo. Omdat het hier een ad-hoc situatie betreft, en het gebruik in ruil voor de bewaking niet belast wordt, is er geen contract gemaakt.
Wel is de afspraak geweest (en nog steeds) dat er bedrijvigheid moet zijn op locatie.
Gesprek op 9 november 2023 met de heren [persoon A] en [persoon B] :
V: Wat kunnen jullie vertellen over bewoning in dit pand en de woonunits die in dit pand zijn aangetroffen?
A: Dat is pertinent niet waar. er is ook geen stroom aanwezig. De laatste 1,5 jaar is dit in elk geval niet zo geweest. De kringloop had hier wel opslag en dit kan mogelijk zijn wat u bedoelt. Ik heb heel veel gesprekken gehad met de gemeente en als het woord bed viel raakten ze al in paniek.
E-mail van een inspecteur van de gemeente Rijswijk d.d. 30 november 2023 in antwoord op gerichte vragen van CED:
Vanaf wanneer was er precies sprake van leegstand?
Na 8 november 2022 is de leegstand verergerd.
Waarom was er volgens de gemeente sprake van leegstand?
Leegstand was er omdat de stichting [naam huurder 1] daar niet verder zijn activiteiten kon uitvoeren. Het pand heeft een kantoorbestemming en de initiatieven die men daar ter plaatse wilde voeren waren in strijd met het bestemmingsplan.
Overige van belang zijnde info…(indien mogelijk een soort tijdslijn)
Januari 2020 kregen wij een melding dat er op meerdere verdiepingen feesten werden gehouden. Het pand werd gebruikt door voormalige stichting genaamd [naam huurder 1] (Indische stichting die multiculturele activiteiten uitvoerde in heel het pand). Deze stichting was overigens ook de gebruiker van het gehele pand. De voorzitter van Stichting [naam huurder 1] was ons aanspreekpunt.
Op basis van deze melding hebben we de eigenaar in februari 2020 aangeschreven. Een afschrift van deze aanschrijving hebben we naar stichting [naam huurder 1] gestuurd.
Hierna was stichting [naam huurder 1] bezig om het pand in orde te maken. We wilde als gemeente kijken of we konden meewerken aan de activiteiten die ze daar wilden uitvoeren. Echter moest hier een omgevingsvergunning voor worden aangevraagd. Deze werd nooit ingediend.
Een jaar later was er de inval door de Politie waarbij er in de kelder pokertafels werden aangetroffen. Daarnaast was er ook iemand die in het pand verbleef en werden er andere constateringen gedaan (brandveiligheid/strijdig gebruik)
Wederom werd de eigenaar mei 2021 aangeschreven met de nieuwe constateringen. De stichting trok hun handen af van alle strijdige zaken en gaf aan dat ze daar niet van op de hoogte waren. Maar ze zouden ervoor zorgen dat alles in orde zou komen en dat er volledige controle zou zijn en dat er geen ongenodigde het pand meer zouden betreden.
Hierna was een lange tijd radiostilte totdat er opnieuw een feest werd gehouden eind 2022. Dit keer was de stichting ( [naam huurder 1] ) failliet. En was er dus een ander aanspreekpunt van een nieuwe stichting genaamd [naam stichting] . Toen hebben we opnieuw het gesprek gevoerd met de voorzitter van stichting [naam stichting] en de afspraken opnieuw duidelijk gemaakt die we hadden met de vorige stichting betreft het gebruik van het pand.
Dit hebben we uiteindelijk bevestigd middels een brief welke is verstuurd naar de eigenaar van het pand in maart 2023 en naar stichting [naam stichting] . Ook zijn we in gesprek gegaan met de eigenaar van het pand en hebben de brief overhandigd. Na het gesprek met de eigenaar zijn we het pand rondgelopen en constateerde we dat het pand helemaal leeggehaald was en verlaten. Ook troffen we een persoon aan die daar verbleef (ingebroken). Deze werd aangehouden door de politie en uiteindelijke vrijgelaten.
De eigenaar gaf aan het pand dicht te zetten met platen (waar het open is). Maar dat inbrekers toch inbreken en daar slapen of installaties stelen (koper). De eigenaar geeft ook aan dat het dweilen met de kraan open is.
Toen is er een brand ontstaan waar gelukkig geen slachtoffers bij zijn gevallen. Wel zijn er 2 personen aangetroffen die ingebroken hebben en daar verbleven.
Omdat het pand leegstaat is het heel erg in trek voor mensen die geen slaapplek hebben.
E-mail van [persoon B] d.d. 15 december 2023
Op welke datum is de laatste huurder vertrokken (buiten [persoon C] / Dutchflex en Kringloop opslag)?
Dat is [naam huurder 2] geweest op 01-09-2023, zie tevens aangifte diefstal van november 2022
Waren er buiten de overgenomen huurders van [naam huurder 1] nog nieuwe huurders gekomen?
Neen, ik heb 1 van de overgenomen huurders bijgevoegd, [naam huurder 3] , daarna is het gewoon door ons buiten de Kringloop huurder als opslag gebruikt.
Telefoongesprek d.d. 19 december 2023 met mevrouw [persoon E] van [naam bedrijf]
Het klopt dat ik een lopend huurcontract had voor mijn bedrijf [naam bedrijf] maar eigenlijk heb ik na de diefstal van november 2022 geen activiteiten meer uitgevoerd in het pand. Ik weer niet eens precies tot wanneer het huurcontract geldig is, er was ook veel gedoe met de gemeente en ik was meerdere keren slachtoffer van diefstal omdat alles daar werd gejat.
Er stonden van mij alleen nog een paar huishoudelijke spullen bij het keukenblok op de begane grond aan de rechterkant maar eigenlijk had ik daar geen bedrijvigheid meer.
Er was ook geen stroom meer vanaf 2022 dus ik kon er niks meer dan alleen spullen opslaan. […]
Mijn activiteiten bestonden uit het maken van muziek in opdracht van [persoon F] van [naam huurder 1] maar dit moest stoppen van de gemeente. Mijn apparatuur was allemaal gestolen en daar deed ik meerdere malen aangifte van. […] Ik weet niet of er ook sprake was van nog meer huurders omdat ik nooit boven kwam maar het pand leek leeg en alles van waarde werd gestolen door dieven. In de ruimte van [persoon C] was altijd chaos, het was eigenlijk één grote rommel op de plekken waar iets opgeslagen stond.
Er lagen nog wel hier en daar wat spullen maar er was geen bedrijvigheid in dat gedeelte.
In de tijd van [naam huurder 1] heb ik een mooie tijd gekend met leuke opdrachten maar na dienst faillissement ging het bergafwaarts en raakte het pand in verval. Verder is het huurcontract naar waarheid opgemaakt en heb ik dit ondertekend.
Uit technisch onderzoek is gebleken dat de brand moet zijn ontstaan door brandstichting of het achterlaten van brandbaar materiaal. Een elektrotechnische oorzaak, juist vanwege het ontbreken van energieaansluiting, kon worden uitgesloten. Vanwege de mate van destructie kon een exact oorzakelijk verband niet worden gelegd.
Uit tactisch onderzoek is gebleken dat het pand in verval was geraakt en dat er sprake was van leegstand. Op wat opslag, wat beter kan worden gedefinieerd als ‘rommel’ was er geen actieve bedrijfsvoering meer zoals als bestemming opgenomen in de polis“kantoorpand met diverse huurders”
.
Volgens de gemeente waren de activiteiten in het pand in strijd met het bestemmingsplan waar vervolgens tegen werd opgetreden. Nadat [naam huurder 1] failliet ging, en bewoning door de gemeente werd tegengehouden, raakte het pand steeds meer in verval en kwam het in trek bij criminelen. Het pand werd onrechtmatig betreden en diverse groeperingen namen er hun intrek.
Uit diverse bronnen bleek dat na november 2022 de leegstand verergerde en er geen actieve bedrijfsactiviteiten meer werden ontplooid.
De bestuurder van [naam bedrijf] verklaarde dat er alleen nog wat huishoudelijke apparatuur werd opgeslagen en door de bestuurder van DutchFlex werd verklaard dat hij de ruimte, waar de brand ontstond, gebruikte als opslag. Hiervan is geen contract onderliggend. […]
Er was geen sprake van een ‘kantoorpand met diverse huurders’ maar van een vervallen pand wat door onbevoegden werd betreden en waar criminele activiteiten hun intrek namen. Volgens de gemeente werd hier onvoldoende adequaat tegen opgetreden, door deze personen te weren en werd het onvoldoende afgesloten, door de eigenaren waardoor men zich eenvoudig wederrechtelijk toegang kon verschaffen tot het pand met alle risico’s van dien die niet als zodanig in het acceptatietraject konden worden beoordeeld bij het aangaan van de verzekering. Alle bevindingen uit dit onderzoek wijzen erop dat het gebruik door de eigenaren in grote mate beëindigd was waardoor, tezamen met het wederrechtelijk binnendringen, sprake lijkt van kraken en leegstand. De bestemmingswijziging van het pand lijken een meldingsplichtig karakter te hebben maar werden niet als gemeld bij tussenpersoon SAA.