Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:6313

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
13 april 2026
Publicatiedatum
1 juni 2026
Zaaknummer
10-267186-23
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 SrArt. 22c SrArt. 22d SrArt. 139h Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak bezit kinderpornografisch materiaal en veroordeling voor heimelijk gemaakte seksuele video’s

De rechtbank Rotterdam heeft op 13 april 2026 uitspraak gedaan in de zaak tegen de verdachte die werd beschuldigd van bezit van kinderpornografische afbeeldingen en het beschikken over heimelijk gemaakte seksuele video’s. De rechtbank sprak de verdachte vrij van het bezit van de kinderpornografische afbeeldingen omdat niet bewezen kon worden dat deze gedurende de ten laste gelegde periode in zijn bezit waren.

Wel werd bewezen verklaard dat de verdachte heimelijk video’s had gemaakt in zijn eigen badkamer, waarop onder andere zijn eigen minderjarige kinderen naakt te zien waren. Dit vormde een ernstige inbreuk op hun privacy en integriteit. De rechtbank veroordeelde de verdachte tot een taakstraf van 150 uur, waarbij rekening werd gehouden met de ernst van het feit en de overschrijding van de redelijke termijn.

De verdachte had geen eerdere veroordelingen en had vrijwillig een behandeling afgerond. De rechtbank legde geen voorwaardelijke gevangenisstraf op gezien de reeds gevolgde behandeling. Daarnaast werd besloten tot teruggave van de meeste in beslag genomen gegevensdragers, behalve één waarvan de verdachte afstand had gedaan.

De straf is gebaseerd op artikelen 9, 22c, 22d en 139h van het Wetboek van Strafrecht. De uitspraak benadrukt de ernst van het heimelijk filmen van naakte personen, zeker wanneer het eigen kinderen betreft, en de impact daarvan op het slachtoffer.

Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van bezit kinderpornografisch materiaal en veroordeeld tot 150 uur taakstraf voor heimelijk gemaakte seksuele video’s.

Uitspraak

Rechtbank RotterdamZittingsplaats Rotterdam
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummer: 10-267186-23
Datum uitspraak: 13 april 2026
Datum zitting: 30 maart 2026
Tegenspraak
Verdachte:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1965 in [geboorteplaats],
ingeschreven op het adres
[adres], [postcode] [plaatsnaam].
Advocaat van de verdachte: mr. F.M.H. van Mullekom
Officier van justitie: mr. R.P.L. van Loon
Benadeelde partij: [benadeelde partij]
Advocaat van de benadeelde partij: mr. A.R. Hamers
Kern van het vonnis
Niet bewezen is dat de verdachte de in de tenlastelegging genoemde kinderpornografische afbeeldingen gedurende de ten laste gelegde periode in zijn bezit heeft gehad. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken. Bewezen is dat de verdachte de beschikking heeft gehad over heimelijk gemaakte video’s waarin onder andere zijn eigen kinderen naakt te zien zijn. De verdachte wordt daarvoor veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 150 uren.

1.Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij - samengevat - in de periode van 1 februari 2023 tot en met 12 oktober 2023 een gewoonte heeft gemaakt van het bezit van kinderpornografische afbeeldingen en in diezelfde periode de beschikking heeft gehad over heimelijk gemaakte video’s van seksuele aard.
De volledige tenlastelegging houdt in dat
Feit 1
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 februari 2023 tot en met 12 oktober 2023 te Barendrecht, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, telkens een of meer afbeeldingen en/of gegevensdragers, te weten een laptop (Asus) en/of een of meerdere telefoons (Samsung) en/of een of meerdere USB-sticks (Kingston en/of Sandisk) en/of een meerdere tablets (Samsung) en/of een harddisk (Samsung) en/of een of meerdere micro SD kaarten (Sandisk), bevattende afbeeldingen, te weten video's en of foto's, van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, heeft verworven, in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven - bestonden uit:
- het met de/een penis en/of vinger/hand vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
- het met de/een penis en/of mond/tong en/of vinger/hand oraal en/of vaginaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
- het met een voorwerp oraal en/of vaginaal penetreren van het eigen lichaam
(afbeeldingen 1 tot en met 5)
en/of
- het met de/een penis en/of vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel en/of de billen van een persoon die kennelijk de
leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
- het met de/een vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel en/of de borsten van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of
- het met de/een vinger/hand betasten en/of aanraken van het eigen geslachtsdeel en/of de eigen billen
(afbeeldingen 6 tot en met 14)
en/of
het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of in een erotisch getinte houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of (waarbij) deze persoon is vastgebonden en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/film(s) nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van deze persoon in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling
(afbeeldingen 15 tot en met 19)
en/of
het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
en/of
het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt waarbij op dat gezicht/lichaam een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling
(afbeelding 20)
en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt;
Feit 2
hij in of omstreeks de periode van 01 februari 2023 tot en met 12 oktober 2023 te Barendrecht, althans in Nederland, de beschikking heeft gehad over een of meer afbeeldingen te weten foto's en/of video's van seksuele aard van een of meer personen, te weten [slachtoffer] en/of een of meer nader onbekend gebleven personen, waarop te zien is dat zij met hun (deels) naakte lichamen onder de douche staan en/of op het toilet zitten, terwijl hij, verdachte, wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze afbeelding opzettelijk en wederrechtelijk was vervaardigd.

2.Bewijs

2.1.
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld voor de feiten 1 en 2. Het standpunt van de officier van justitie zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.
2.2.
Conclusie van de verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit van de feiten 1 en 2. Het standpunt van de verdediging zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.
2.3.
Oordeel van de rechtbank
2.3.1.
Vrijspraak feit 1
De rechtbank is met de verdediging van oordeel dat feit 1 niet bewezen is. De verdachte heeft bekend dat hij op meerdere momenten in zijn leven kinderpornografische afbeeldingen heeft gedownload, in zijn bezit heeft gehad en heeft verwijderd. Daarnaast zijn op diverse gegevensdragers van de verdachte ook daadwerkelijk (sporen van) kinderpornografische afbeeldingen aangetroffen. De twintig ten laste gelegde afbeeldingen betreffen echter zogenaamde thumb/cachebestanden. Dat zijn bestanden die ooit op de gegevensdrager hebben gestaan of zijn bekeken op het internet, maar die zonder speciale software niet meer benaderbaar zijn. Omdat niet is gebleken dat de verdachte beschikte over deze speciale software, kan van de betreffende bestanden niet worden gezegd dat de verdachte hierover beschikkingsmacht had. Hoewel het aantreffen van dergelijke thumb/cachebestanden een sterke aanwijzing vormt dat het materiaal op enig moment op de gegevensdrager van de verdachte aanwezig is geweest en de verdachte hierover op dat moment dus wel beschikkingsmacht heeft gehad, bevat het dossier onvoldoende aanwijzingen over in welke periode dat is geweest. Niet valt uit te sluiten dat deze specifieke afbeeldingen eerder dan in de ten laste gelegde periode door de verdachte zijn gedownload en ook weer zijn verwijderd. Anders dan de officier van justitie, is de rechtbank van oordeel dat het feit dat de dochter van de verdachte in de ten laste gelegde periode in zijn computer kinderpornografisch materiaal heeft aangetroffen dat op dat moment nog benaderbaar was, dit niet anders maakt. De ten laste gelegde afbeeldingen zijn namelijk niet op deze computer, maar op een andere gegevensdrager (een tablet) van de verdachte aangetroffen. Gelet op het voorgaande is niet bewezen dat de twintig ten laste gelegde afbeeldingen daadwerkelijk in de ten laste gelegde periode zijn verworven of in het bezit van de verdachte zijn geweest. De verdachte wordt daarvan dus vrijgesproken.
2.3.2.
Bewezenverklaring en bewijsmiddelen feit 2
Bewezen is dat de verdachte de beschikking heeft gehad over heimelijk gemaakte video’s van seksuele aard. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.4.
De bewezenverklaring van het feit is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen [1] en de onderstaande bewijsmotivering.
1.
Verklaring van de verdachte [2]
De video’s waarop te zien is dat twee vrouwen na elkaar douchen en dat diverse mensen, waaronder mijn dochter, naar het toilet gaan, heb ik heimelijk gemaakt in mijn badkamer.
2.
Proces-verbaal van de politie, lijst van inbeslaggenomen goederen [3]
In beslag genomen bij doorzoeking [adres] op 12 oktober 2023:
A.A01.18 Hard disk Samsung wit in hoesje met kabel;
A.A01.38 SD kaartje Kingston 4 GB.
3.
Proces-verbaal van de politie, bevindingen [verbalisant] [4]
Op de gegevensdrager met beslagnummer A.A01.18 trof ik een videobestand aan. De camera is gericht op de douche. In het filmpje is eerst een oudere vrouw te zien die aan het douchen is. Later is een meerderjarige vrouw te zien die aan het douchen is.
Op de gegevensdrager met beslagnummer A.A01.38 trof ik een videobestand aan waarop te zien is dat de [verdachte] de camera heeft neergezet zodat deze zicht heeft op een toiletpot. Het filmpje heeft een duur van 26 minuten en 34 seconden. In het filmpje zie je op diverse tijdstippen mensen naar het toilet gaan waaronder één minderjarige jongen en twee minderjarige meisjes waaronder de dochter van [verdachte].
4.
Proces-verbaal van de politie, verklaring [getuige] [5]
Ik was een half jaar of acht maanden geleden in de woning van mijn vader [verdachte] aan [adres]. Ik keek op zijn laptop en ik zag allemaal mapjes met foto’s en filmpjes. Ik ben later nog een tweede keer op de laptop gaan kijken. Toen zag ik dat mijn vader gefilmd had in de badkamer. Als er een vriendin kwam spelen en naar de wc ging, dan had hij dat gefilmd. Ook als ik naar de wc ging of mijn broertje. De camera was gericht op het toilet en een gedeelte van de douche.
2.3.3.
Bewijsmotivering feit 2
De rechtbank is, anders dan de verdediging, van oordeel dat uit de bewijsmiddelen voldoende volgt dat op de heimelijk gemaakte video’s sprake is van zichtbare naaktheid. De video’s zijn opgenomen in de badkamer en de camera was hierbij specifiek gericht op respectievelijk de douche en het toilet. Op verschillende momenten is te zien dat er meerderjarige vrouwen douchen en dat er kinderen (waaronder de eigen kinderen van de verdachte) naar het toilet gaan. Het is een feit van algemene bekendheid dat bij dergelijke handelingen in elk geval op enig moment naakte lichaamsdelen zichtbaar zijn.
2.3.4.
Volledige bewezenverklaring
Bewezen is dat:
hij in de periode van 1 februari 2023 tot en met 12 oktober 2023 te Barendrecht, de beschikking heeft gehad over afbeeldingen te weten video's van seksuele aard van personen, te weten [slachtoffer] en nader onbekend gebleven personen, waarop te zien is dat zij met hun (deels) naakte lichamen onder de douche staan en/of op het toilet zitten, terwijl hij, verdachte, wist dat deze afbeelding opzettelijk en wederrechtelijk was vervaardigd.

3.Kwalificatie en strafbaarheid

3.1.
Kwalificatie
Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:
beschikken over een afbeelding van seksuele aard van een persoon, terwijl hij weet dat deze door of als gevolg van het opzettelijk en wederrechtelijk vervaardigen van een afbeelding van seksuele aard van een persoon is verkregen, meermalen gepleegd.
3.2.
Strafbaarheid van het feit en van de verdachte
Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

4.Straf

4.1.
Eis van de officier van justitie
De verdachte moet voor de feiten 1 en 2 worden veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 240 uren subsidiair 120 dagen vervangende hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaar en als bijzondere voorwaarden een meldplicht, ambulante behandeling, en het vermijden van digitale omgevingen waarin de verdachte in aanraking kan komen met seksueel kindermisbruik.
4.2.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft verzocht om in geval van bewezenverklaring te volstaan met de oplegging van een taakstraf in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf, met daaraan gekoppeld de bovengenoemde bijzondere voorwaarden.
4.3.
Oordeel van de rechtbank
4.3.1.
Ernst en omstandigheden van het feit
De verdachte heeft de beschikking gehad over twee heimelijk gemaakte video’s waarop te zien is dat mensen douchen en naar het toilet gaan. Hiermee heeft de verdachte een ernstige inbreuk gemaakt op de privacy en geestelijke en lichamelijke integriteit van deze mensen. De rechtbank acht het extra kwalijk dat op één van de video’s ook zijn eigen kinderen te zien zijn. De video is opgenomen in de badkamer van hun ouderlijk huis, een plek waar zij zich bij uitstek veilig en geborgen zouden moeten voelen. Uit de slachtofferverklaring van de dochter volgt dat de verdachte door zijn handelen dit gevoel van veiligheid heeft weggenomen en haar vertrouwen in hem en in anderen ernstig heeft geschaad.
4.3.2.
Persoon en persoonlijke omstandigheden
Strafblad
Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 19 februari 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor strafbare feiten. Het strafblad van de verdachte leidt dus niet tot een hogere straf.
Rapport van de reclassering
In het rapport van Reclassering Nederland van 16 maart 2026 staat het volgende. De verdachte heeft vanaf 2010 chronische stress ontwikkeld. Om deze stress enigszins hanteerbaar te houden is hij gevlucht in grensoverschrijdend seksueel gedrag. De verdachte heeft een seksuele interesse voor vrouwen rond zijn leeftijd en voor meisjes vanaf ongeveer 13 jaar. De verdachte heeft op vrijwillige basis gedurende een jaar behandeling gevolgd bij De Waag en hij heeft deze behandeling positief afgerond. Het recidiverisico wordt ingeschat als laag-gemiddeld. Bij een veroordeling wordt geadviseerd een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen met als bijzondere voorwaarden een meldplicht, ambulante behandeling en het vermijden van digitale omgevingen waarin de verdachte in aanraking kan komen met seksueel kindermisbruik.
4.3.3.
Redelijke termijn
De verdachte moet binnen een redelijke termijn worden berecht. De redelijke termijn is in dit geval gestart op 12 oktober 2023, omdat de woning van de verdachte toen is doorzocht. Tot aan dit vonnis is een periode van twee jaar en zes maanden verstreken. Omdat er geen sprake is van bijzondere omstandigheden, is de redelijke termijn in deze zaak twee jaar. Dat betekent dat de redelijke termijn met zes maanden is overschreden. Daarom heeft dit gevolgen voor de op te leggen straf.
4.3.4.
Oplegging straf
Gelet op de ernst van het strafbare feit is een taakstraf passend. Bij het bepalen van de duur van de taakstraf houdt de rechtbank ook rekening met straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd en met de overschrijding van de redelijke termijn. Daarom wordt een taakstraf van 150 uur opgelegd. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een voorwaardelijke straf nu de verdachte reeds op vrijwillige basis een behandeling bij De Waag heeft afgerond en wordt vrijgesproken van feit 1.

5.In beslag genomen voorwerpen

5.1.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de in beslag genomen gegevensdrager met het goednummer A.A01.38 verbeurd wordt verklaard en dat de overige gegevensdragers waarvan de verdachte geen afstand heeft gedaan aan hem worden teruggegeven.
5.2.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft verzocht dat de gegevensdragers waarvan de verdachte geen afstand heeft gedaan aan hem worden teruggegeven.
5.3.
Oordeel van de rechtbank
5.3.1.
Afstand
De verdachte heeft op de terechtzitting afstand gedaan van de gegevensdrager met goednummer A.A01.38. De rechtbank neemt ten aanzien van dit voorwerp geen beslissing.
5.3.2.
Teruggave
De rechtbank beslist tot de teruggave aan de verdachte van de in beslag genomen gegevensdragers met de goednummers: A.A01.01, A.A01.03, A.A01.04, A.A01.05, A.A01.06, A.A01.07, A.A01.08, A.A01.09, A.A01.10, A.A01.11, A.A01.13, A.A01.16, A.A01.19, A.A01.20, A.A01.23, A.A01.25, A.A01.26, A.A01.27, A.A01.29, A.A01.30, A.A01.31, A.A01.32, A.A01.33, A.A01.34, A.A01.35, A.A01.36, A.A01.37, A.A01.39, A.A01.40, A.A01.41, A.A01.42, A.A01.43 en A.A01.44.

6.Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 9, 22c, 22d en 139h (oud) van het Wetboek van Strafrecht.

7.Beslissingen

De rechtbank:
verklaart niet bewezen dat de verdachte feit 1 heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij;
verklaart bewezen dat de verdachte feit 2, zoals in hoofdstuk 2 is omschreven, heeft gepleegd;
stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het in hoofdstuk 3 vermelde strafbare feit;
verklaart de verdachte strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een
taakstraf van 150 uur, waarbij de reclassering bepaalt uit welke werkzaamheden deze taakstraf zal bestaan;
beveelt dat, voor het geval de verdachte de taakstraf niet (goed) verricht,
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
75 dagen.
beveelt de teruggave van de in beslag genomen gegevensdragers met de goednummers: A.A01.01, A.A01.03, A.A01.04, A.A01.05, A.A01.06, A.A01.07, A.A01.08, A.A01.09, A.A01.10, A.A01.11, A.A01.13, A.A01.16, A.A01.19, A.A01.20, A.A01.23, A.A01.25, A.A01.26, A.A01.27, A.A01.29, A.A01.30, A.A01.31, A.A01.32, A.A01.33, A.A01.34, A.A01.35, A.A01.36, A.A01.37, A.A01.39, A.A01.40, A.A01.41, A.A01.42, A.A01.43 en A.A01.44 aan de verdachte.

8.Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:
mr. A.S. Flikweert, voorzitter,
en mrs. L. Stevens en mr. L. den Teuling, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. M.M. Voorwinden, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 13 april 2026.

Voetnoten

1.De exacte vindplaatsen van de bewijsmiddelen zijn genoemd in de bijbehorende voetnoot. Als wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op de digitale paginanummers uit het proces-verbaal met nummer [proces-verbaalnummer].
2.Verklaard tijdens de zitting van 30 maart 2026.
3.Pagina 14 e.v.
4.Pagina 47 e.v.
5.Pagina 5 e.v.