Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:6267

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
14 april 2026
Publicatiedatum
29 mei 2026
Zaaknummer
C/10/716646 / KG ZA 26-262
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:174 BWArt. 3:300 BWArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging en vervangende toestemming voor verkoop en levering woning na niet-nakoming vaststellingsovereenkomst

Partijen, voormalig verloofden, hebben gezamenlijk een woning gekocht maar hun relatie is beëindigd voordat de woning werd geleverd. De man wilde de woning overnemen, maar na een vaststellingsovereenkomst en taxatie besloot hij de woning niet over te nemen en moest deze via een makelaar worden verkocht. De vrouw startte een kort geding wegens onvoldoende medewerking van de man aan de verkoop.

De rechtbank oordeelt dat de man de afspraken uit de vaststellingsovereenkomst niet is nagekomen, onder meer door het niet afgeven van sleutels, het plaatsen van camera's die bezichtigingen belemmeren en het niet tijdig reageren op biedingen. De vrouw wordt gemachtigd de woning te gelde te maken via de makelaar en krijgt vervangende toestemming om de verkoop en levering te effectueren zonder medewerking van de man.

De vorderingen van de man worden afgewezen, onder meer omdat hij onvoldoende heeft onderbouwd dat de vaststellingsovereenkomst is vernietigd en zijn vorderingen deels onbepaalbaar zijn. De man wordt veroordeeld tot afgifte van de sleutels, betaling van dwangsommen bij niet-nakoming en in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Vrouw wordt gemachtigd tot verkoop en levering woning zonder medewerking man; man wordt veroordeeld tot sleutelafgifte, dwangsommen en proceskosten; vorderingen man worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK Rotterdam

Team handel en haven
Zaaknummer: C/10/716646 / KG ZA 26-262
Vonnis in kort geding van 14 april 2026
in de zaak van
[naam vrouw],
wonend in [woonplaats 1] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: de vrouw,
advocaat: mr. M. Soytekin,
tegen
[naam man],
wonend in [woonplaats 1] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: de man,
advocaat: mr. A.K. Tosun.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 23 maart 2026, met producties 1 tot en met 17;
- de conclusie van antwoord tevens eis in reconventie, met producties 1 tot en met 6;
- de aanvullende producties 18 tot en met 21 van de vrouw;
- de mondelinge behandeling op 31 maart 2026;
- de pleitaantekeningen van de vrouw.

2.De feiten

2.1.
Partijen hebben een affectieve relatie gehad. Zij waren verloofd, maar zijn niet getrouwd en hebben ook niet samengewoond.
2.2.
Op 4 juli 2025 hebben partijen, op basis van een in februari 2025 gesloten koopovereenkomst, de woning aan de [adres] in [woonplaats 2] (hierna: de woning) in eigendom verkregen.
2.3.
De relatie tussen partijen is medio 2025, na het sluiten van de koopovereenkomst en voor levering van de woning, beëindigd.
2.4.
Op 9 juli 2025 heeft de man kenbaar gemaakt dat hij de woning wenste over te nemen.
2.5.
De vrouw is een kort gedingprocedure (C/10/706208 / KG ZA 25-897) bij deze rechtbank gestart omdat zij meende dat de inkomsten van de man onvoldoende toereikend waren om de financiering van de overname van haar aandeel in de woning rond te krijgen en omdat de man daartoe geen actie ondernam.
2.6.
In het kort geding vond op 13 oktober 2025 een mondelinge behandeling plaats. Partijen hebben tijdens deze mondelinge behandeling een schikking getroffen. In de vaststellingsovereenkomst staat onder meer het volgende:

Om een einde aan deze rechtszaak te maken, hebben partijen de volgende afspraken
gemaakt:
1.
Partijen geven gezamenlijk opdracht aan De Vree Makelaardij B.V. (www.devreemakelaardij.nl) om de waarde van de woning te taxeren. Deze opdracht wordt binnen drie dagen na vandaag verstrekt. De taxatiekosten worden door ieder van partijen voor de helft gedragen.
2.
[naam man] krijgt gelegenheid om te onderzoeken of hij het aandeel van [naam vrouw] kan overnemen tegen de getaxeerde waarde. Daarvoor geldt een termijn van zes weken na datum van het taxatierapport.
3.
Als blijkt dat [naam man] de woning kan overnemen, zal [naam vrouw] daar alle benodigde medewerking aan verlenen. De notariskosten komen voor rekening van [naam man] .
4.
Als blijkt dat [naam man] de woning niet kan overnemen, zullen partijen de woning te koop zetten voor verkoop aan een derde door tussenkomst van de onder 1. genoemde makelaar. Zij zullen daaraan beiden alle benodigde medewerking verlenen. De makelaarskosten zullen door beide partijen ieder voor de helft worden gedragen.
5.
Indien [naam man] de woning overneemt, zullen de helft van de hypotheeklasten (aflossing en rente), de lokale belastingen en de verzekeringskosten tot de datum van overdracht worden verrekend met de overwaarde die aan [naam vrouw] toekomt. Indien geen sprake blijkt te zijn van overwaarde, heeft [naam man] voor dat bedrag een vordering op [naam vrouw] . Deze regeling geldt ook indien [naam man] het aandeel van [naam vrouw] niet kan overnemen en de woning aan een derde wordt verkocht.
6.
Voor het overige wat partijen over en weer verdeeld houdt, behouden zij zich alle rechten voor.
7.
Partijen dragen ieder de eigen proceskosten.
8.
Doordat partijen samen tot deze oplossing zijn gekomen, wordt de procedure beëindigd.
2.7.
Op 13 oktober 2025 heeft de vrouw de taxatieopdracht aan De Vree Makelaardij B.V. verstrekt.
2.8.
Op 20 oktober 2025 heeft De Vree Makelaardij B.V. het taxatierapport aan partijen verstrekt. De woning is getaxeerd op € 550.000,00.
2.9.
Op 28 oktober 2025 heeft de man de vrouw bericht dat hij heeft besloten de woning niet over te nemen en dat de woning daarom te koop moet worden gezet.
2.10.
Bij e-mail van 29 oktober 2025 stuurt de man onder meer het volgende aan De Vree Makelaardij B.V.:

Gezien het taxatierapport naar een uitkomstige waardebepaling van
550.000 EUR heeft geresulteerd, heb ik voornemens om de woning te
verkopen. Wel wil ik nadrukkelijk kenbaar maken dat ieder bod die er
onder zit op de vrije verkoop, expliciet niet zal worden aanvaard door mij.
Uitsluitend voor bedragen van 550.000 EUR of meer kan ik een verkoop
realiseren. Het beloop zal ook niet anders te verwachten zijn, gelet op je
constateringen in voorgaande email conform je toelichtingen.
Ik verneem graag of je geïnteresseerd bent om de verkoop van de woning
in handen te nemen en eventueel wat de courtage c.q. kosten voor
dienstverlening zullen zijn. Wellicht ten overvloede wil ik ook in de
overeenkomst tot dienstverlening opnemen dat ik geen bedrag voor
dienstverlening verschuldigd ben als biedingen onder de taxatiewaarde
blijven. Ik zal immers ook niet akkoord gaan met biedingen eronder.
Kortom, een no cure no pay clausule wat dat betreft.
2.11.
Bij e-mail van 30 oktober 2025 stuurt De Vree Makelaardij B.V. het volgende als reactie op de man:

De eerder door mij uitgevoerdetaxatie betrof een onafhankelijke marktwaardebepalingen vormt geen vastgestelde verkoopprijs of garantie.
Een verkooptraject is een afzonderlijk proces met eigen uitgangspunten en voorwaarden.
Eerlijkheidshalve wil ik daarbij opmerken dat de toon van uw eerdere e-mailreactie op het taxatierapport en ook van uw huidige bericht mij niet goed is bevallen.Ik ervaar dat niet als een juiste of professionele basis voor samenwerking.
Een succesvolle verkoop vraagt om wederzijds respect en vertrouwen in de rol en deskundigheid van alle betrokkenen.
(…)Op basis van recente transacties en de actuele zoekvraag acht ik eenvraagprijs van€ 550.000passend.
Dat is een reële uitgangspositie binnen de huidige markt, waarbij biedingen onder de vraagprijs onderdeel kunnen zijn van het normale onderhandelingsproces.
Het uitsluiten van biedingen onder een bepaald bedrag of het hanteren van een no cure no pay-regeling past niet binnen onze werkwijze. Als het realistisch zou zijn dat een woning structureel boven de marktwaarde wordt verkocht, zou die marktwaarde per definitie hoger liggen.
Indien beide partijen de verkoop via ons kantoor wensen te laten verlopen, nemen wij de opdracht op dat momentin overweging
2.12.
Bij e-mails van 5 en 6 november 2025 wijst de vrouw de man op de tussen partijen gemaakte afspraken en sommeert zij de man binnen om binnen drie werkdagen aan De Vree Makelaardij B.V. te bevestigen dat hij akkoord gaat met de opdracht tot verkoop van de woning.
2.13.
De man is op 6 november 2025 akkoord gegaan met de verkoopopdracht, waarna de woning op 24 november 2025 is aangemeld op Funda.
2.14.
Bij e-mail van 20 februari 2026 heeft De Vree Makelaardij B.V.de verkoopopdracht teruggegeven aan partijen. In deze e-mail staat onder meer:

BLOKKADES
Een verkoopopdracht vereist medewerking van beide verkopers. Door het uitblijven van
noodzakelijke medewerking blijven essentiële belemmeringen bestaan, waardoor
uitvoering van de opdracht niet mogelijk is, waaronder:
  • Op het uitgebrachte bod is door mevrouw [naam vrouw] wél tijdig gereageerd; van uw kant is geen standpunt of instructie ontvangen, waardoor verdere onderhandeling niet kon worden voortgezet
  • Mevrouw [naam vrouw] heeft daarnaast schriftelijk bevestigd dat zij onze strategie en ons advies volgt en volledig wil meewerken
  • Mevrouw [naam vrouw] beschikt niet over sleutels om de woning zelfstandig “verkoopklaar” te maken. Voor uitvoering is toegang en volledige sleutelbeschikbaarheid noodzakelijk, maar die is in de praktijk niet (volledig) geborgd
  • Praktische belemmeringen voor presentatie en bezichtigingen (0.a. camera’s en D meterkast) zijn niet opgelost
EXTRA INSPANNINGEN VAN ONZE ZIJDE (FEITELIJKE VOORBEELDEN)
Tijdens de geplande afspraak voor fotografie op 20 november 2025 hebben wij contact opgenomen over het ontbreken van sleutels van (een deel van) de raamkozijnen. Om de ramen te kunnen openen (o.a. voorventilatie en presentatie) hebben wij uiteindelijk via de buren een sleutel moeten lenen. Daarbij hing het ‘Te koop’-bord van de vorige verkoopmakelaar nog aan het raam. Daarnaast hebben wij ter plaatse geconstateerd dat de woning op diverse plekken vervuild was (o.a. dode vliegen), waarna wij zelf hebben moeten stofzuigen om de woning geschikt te maken voor professionele presentatie.
Wij hebben deze extra stappen gezet om de nadelige effecten van de leegstand en de situatie ter plaatse zoveel mogelijk te beperken. Het is niet redelijk en niet werkbaar om het verkoopklaar maken en verkoopklaar houden van een leegstaande woning bij de makelaar neer te leggen. Dit behoort tot de verantwoordelijkheid van de verkoper(s) en valt buiten de overeengekomen makelaarswerkzaamheden.
Daarnaast geldt dat de communicatie van uw kant structureel niet tijdig en niet gericht is op uitvoering van de verkoopopdracht (geen concrete keuze/instemming en geen praktische afstemming). Hierdoor ontbreekt een werkbare basis om de opdracht professioneel en effectief uit te voeren. (…)
2.15.
Bij e-mail van 27 februari 2026 geeft De Vree Makelaardij B.V. aan dat zij bereid is om een nieuwe verkoopopdracht voor de woning aan te gaan, mits de vrouw vervangende toestemming verkrijgt en de nieuwe verkoopopdracht uitsluitend met de vrouw als opdrachtgever wordt aangegaan.

3.Het geschil

in conventie
3.1.
De vrouw vordert – samengevat – bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad (met intrekking van de uitvoerbaarheid op de minuut en alle dagen en uren):
I. de vrouw te machtigen om de woning op grond van het bepaalde in artikel 3:174 BW Pro te gelde te maken via De Vree Makelaardij B.V. althans door een door de vrouw aan te wijzen makelaarskantoor tegen een prijs zoals geboden zal worden, dan wel via een verkoop bij opbod, tegen de hoogste prijs die alsdan geboden zal zijn;
II. de vrouw vervangende toestemming te verlenen om die handelingen te verrichten die benodigd zijn voor een zo spoedig mogelijke verkoop/levering van de woning, alsmede om de levering en overdracht bij notariële akte te bewerkstelligen, waarbij de vervangende toestemming in de plaats treedt voor het opmaken van de verkoopovereenkomst en de notariële leveringsakte vereiste wilsverklaring, medewerking en handtekening van de man, alsmede dat dit vonnis in de plaats van de akte of een deel daarvan zal treden ex artikel 3:300 lid 1 en Pro 2 BW;
III. te bepalen dat dit vonnis in de plaats komt van de voor eigendomsoverdracht en levering van de woning noodzakelijke toestemming van de vrouw en/of wilsverklaring en/of handtekening van de man, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 voor iedere dag dat de man zulks nalaat, tot een maximum van € 10.000,00;
IV. de man te bevelen binnen vijf dagen na afgifte van dit vonnis te veroordelen om afgifte van de sleutels ter vrije en algehele beschikking van de makelaar te stellen;
V. de man een dwangsom op te leggen ingeval hij niet aan de veroordeling c.q. gebod onder IV voldoet van € 500,00 per dag/dagdeel met een maximum van
€ 25.000,00;
VI. de man te veroordelen om binnen veertien dagen na verkoop van de woning de woning te ontruimen, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat de man dit nalaat, tot een maximum van € 10.000,00;
VII. de man te veroordelen tot betaling van de makelaars- en verkoopkosten alsmede in de proceskosten, vermeerderd met de wettelijke rente daarover.
3.2.
De vrouw heeft toegelicht dat met vordering I bedoeld is dat de makelaar de bied- en laatprijs bepaalt.
3.3.
De man concludeert tot afwijzing van de vorderingen, met veroordeling van de vrouw in de proceskosten, vermeerderd met de wettelijke rente daarover.
in reconventie
3.4.
De man vordert – samengevat – bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
1. te bepalen dat de woning zal worden verkocht via één van de navolgende makelaars: Remax Barendrecht, Schildtvoorde Makelaardij of Woonvisie Zuid, althans via een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen makelaar;
2. primair te bepalen dat de vrouw met ingang van 1 april 2026 volledig de lasten van de woning voldoet; subsidiair te bepalen dat de lasten van de woning met ingang van 1 april 2026 bij helfte door partijen worden betaald, althans een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen verdeling;
3. te bepalen dat de vrouw haar volledige medewerking dient te verlenen aan de verkoop van de woning, althans een zodanige voorziening te treffen als de voorzieningenrechter in goede justitie passend acht;
4. te bepalen dat, indien de vrouw haar medewerking weigert, dit vonnis op grond van artikel 3:300 BW Pro in de plaats zal treden van haar handtekening en/of toestemming voor zover vereist voor de uitvoering van dit vonnis en/of de verkoop en levering van de woning aan een derde;
5. aan de vrouw een dwangsom op te leggen van € 500,00 per dag, althans een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen bedrag, voor iedere dag of
gedeelte daarvan dat zij in gebreke blijft aan het voorgaande te voldoen, met een
maximum van € 25.000,00;
6. de vrouw te veroordelen in de proceskosten, vermeerderd met de wettelijke rente daarover.
3.5.
De vrouw concludeert tot afwijzing van de vorderingen, met veroordeling van de man in de proceskosten, met veroordeling van de man in de proceskosten.

4.De beoordeling

Spoedeisend belang
4.1.
Van een spoedeisend belang van partijen bij hun vorderingen is voldoende gebleken. Partijen hebben beiden belang bij een spoedige beslissing over de (wijze van) verkoop van de woning, zodat zij hun leven kunnen voortzetten en de aan de woning verbonden kosten niet onnodig blijven doorlopen/oplopen.
Reconventie
4.2.
De man legt het volgende aan zijn vorderingen ten grondslag. De Vree Makelaardij B.V. heeft de verkoopopdracht teruggegeven aan partijen en is slechts bereid deze opdracht nogmaals uit te voeren indien uitsluitend de vrouw als opdrachtgever optreedt. In dat geval wordt de man als mede-eigenaar echter buitenspel gezet en komt de regie over de verkoop eenzijdig bij de vrouw te liggen, wat disproportioneel is. Bovendien heeft de man geen vertrouwen meer in De Vree Makelaardij B.V. Om die reden vordert de man dat de woning wordt verkocht door één van de drie door hem voorgestelde makelaars. Verder draagt de man sinds de levering van de woning de volledige woonlasten. De vrouw heeft hieraan geen enkele bijdrage geleverd. Omdat de man een andere woning heeft gekocht, wordt hij geconfronteerd met dubbele woonlasten. Van de man kan niet worden verlangd dat hij deze situatie voortzet. Daarom vordert de man primair dat de vrouw per 1 april 2026 de volledige woonlasten betaalt en subsidiair dat de woonlasten per 1 april 2026 bij helfte door partijen worden betaald. Om te voorkomen dat de vrouw de verkoop belemmert, vordert de man dat de vrouw haar medewerking aan de verkoop verleent en dat, indien de vrouw dit weigert, dit vonnis in de plaats treedt van haar medewerking of handtekening.
4.3.
Volgens de vrouw hebben partijen in de vaststellingsovereenkomst bindende afspraken gemaakt over de makelaarskeuze, de verkoopprocedure en de betaling van de woonlasten. De man kan deze afspraken daarom niet eenzijdig wijzigen.
4.4.
Uitgangspunt zijn de op de mondelinge behandeling van 13 oktober 2025 tussen partijen gemaakte afspraken die zijn opgenomen in de vaststellingsovereenkomst. Niet is gebleken dat de man deze overeenkomst heeft aangetast door opzegging, ontbinding of vernietiging. De man heeft ter zitting weliswaar gesteld dat deze overeenkomst door hem is vernietigd maar die stelling heeft hij niet geconcretiseerd – wanneer is dat dan geweest en hoe is dat gegaan? – en onderbouwd. Dit betekent dat de afspraken in de vaststellingsovereenkomst bindend zijn en als uitgangspunt dienen.
4.5.
Gelet op de afspraken in de vaststellingsovereenkomst is De Vree Makelaardij B.V. de makelaar aan wie de verkoopopdracht moet worden verstrekt en door wie deze moet worden uitgevoerd. Verder moet de man de woonlasten van de woning betalen. Indien blijkt dat sprake is van een overwaarde op de woning, dan kan de man de woonlasten verrekenen met het deel van de overwaarde dat aan de vrouw toekomt. Indien geen sprake is van een overwaarde op de woning, dan heeft de man een vordering op de vrouw.
4.6.
De voorzieningenrechter wijst er verder op dat de vorderingen 1 tot en met 3 van de man declaratoir zijn geformuleerd gelet op de zinsneden “
te bepalen dat...”. In deze zinsneden ligt over het algemeen besloten dat er om een verklaring voor recht wordt gevraagd. In een kort geding kan een verklaring voor recht niet worden toegewezen.
4.7.
Daar komt bij dat vordering 3 onbepaalbaar is. Onduidelijk is welke concrete handelingen de vrouw moet verrichten.
4.8.
Het voorgaande leidt ertoe dat de vorderingen van de man worden afgewezen.
Conventie
4.9.
De vrouw legt het volgende aan haar vorderingen ten grondslag. De man heeft stelselmatig niet meegewerkt aan de adviezen van De Vree Makelaardij B.V. en daarmee ook niet aan de verkoop van de woning. Als gevolg van de handelwijze van de man heeft De Vree Makelaardij B.V. de verkoopopdracht aan partijen teruggegeven. De man is hierdoor de afspraken uit de vaststellingsovereenkomst niet nagekomen. De vrouw heeft zich daarentegen maximaal ingespannen om tijdig te voldoen aan de afspraken in de vaststellingsovereenkomst. De vrouw wil de woning zo goed en snel mogelijk verkopen, zodat de financiële schade wordt beperkt. De vrouw vordert daarom onder meer een machtiging (artikel 3:174 BW Pro) om de woning te gelde te kunnen maken zonder medewerking van de man en vervangende toestemming voor de verkoop en levering van de woning (artikel 3:300 lid 1 BW Pro).
4.10.
De man betwist dat hij niet heeft meegewerkt aan de adviezen van De Vree Makelaardij B.V. De man stelt dat hij zich steeds actief en constructief heeft opgesteld. De samenwerking met de makelaar is beëindigd vanwege een verschil in inzicht over de verkoopstrategie en prijsstelling en niet door tegenwerking van de man. Een dergelijk verschil van inzicht kan niet worden aangemerkt als een weigering tot medewerking in de zin van de artikelen 3:174 BW en 3:300 BW.
4.11.
Uitgangspunt is dat niemand kan worden gedwongen om in een onverdeelde gemeenschap te blijven zitten. In dat kader kunnen in een kort gedingprocedure voorzieningen worden getroffen, waaronder de gevorderde voorzieningen van de vrouw. Van belang is dat er een beslissing wordt genomen over de (wijze van) verkoop van de woning, zodat partijen verder kunnen en de kosten niet onnodig oplopen.
4.12.
Voldoende aannemelijk is dat de man onvoldoende medewerking heeft verleend aan de verkoop van de woning, gelet op het volgende.
4.13.
Uit de correspondentie tussen De Vree Makelaardij B.V. en partijen volgt dat de man camera’s in de woning heeft geplaatst. De makelaar heeft de man verzocht deze camera’s te verwijderen, omdat de camera’s een belemmering vormen voor de presentatie van de woning tijdens bezichtigingen en de bezichtigingservaring van potentiële kopers negatief beïnvloeden. Ter zitting is gebleken dat de man geen gehoor heeft gegeven aan dit verzoek en dat de camera’s nog steeds in de woning aanwezig zijn. De man heeft verklaard dat hij de camera’s heeft geplaatst uit wantrouwen tegenover de vrouw. Dit rechtvaardigt echter niet dat hij de aanwijzingen van de makelaar niet opvolgt, te meer nu het ongebruikelijk is dat er camera’s in (de woonkamer van) een (te verkopen) woning hangen.
4.14.
Verder volgt uit de correspondentie dat de man de meterkast heeft afgesloten en de sleutel daarvan in zijn bezit heeft. De makelaar heeft aangegeven dat dit bij potentiële kopers vragen en twijfels oproept over de woning. De man heeft de sleutel desondanks niet aan de makelaar gegeven dan wel de meterkast geopend. De man heeft ter zitting betwist dat hij hierop is aangesproken door de makelaar. Uit de correspondentie volgt echter dat dit wel degelijk het geval is.
4.15.
Daarnaast blijkt uit de correspondentie dat de sleutels van (een deel van) de raamkozijnen ontbreken. De makelaar heeft aangegeven dat hij deze ramen moet kunnen openen in verband met ventilatie en een goede presentatie van de woning tijdens bezichtigingen. Uiteindelijk heeft de makelaar deze sleutels van de buren kunnen lenen. De man heeft ter zitting verklaard niet over deze sleutels te beschikken, maar niet is gebleken dat hij zich heeft ingespannen om achter de sleutels aan te gaan. Overigens kan de vrouw hetzelfde verwijt worden gemaakt nu ook zij blijkbaar geen actie heeft ondernomen om de sleutels te verkrijgen. Daarbij is onduidelijk is gebleven hoe het kan dat de buren wel over deze sleutels beschikten.
4.16.
Uit de correspondentie volgt ook dat de man de sleutels van de woning in zijn bezit houdt en deze niet aan de makelaar heeft gegeven, ondanks het verzoek van de makelaar hiertoe. De makelaar kon de woning hierdoor niet goed verkoopklaar maken. Volgens de man hoefde hij de sleutels van de woning niet aan de makelaar te geven omdat dat dit volgens hem in strijd is met zijn mede-eigendomsrecht. Dit standpunt wordt niet gevolgd omdat de makelaar de verkoopopdracht moet uitvoeren en daarvoor toegang tot de woning moet hebben.
4.17.
Verder blijkt uit de correspondentie dat de man niet (tijdig) reageert op biedingen of andere verzoeken van de makelaar en dat zijn communicatie niet is gericht op een voortvarende uitvoering van de verkoopopdracht. Daar komt bij dat de man slechts bereid is om mee te werken aan verkoop van de woning onder de door hem gestelde voorwaarden en niet onder de voorwaarden van de makelaar, waarmee de man overigens eerder wel heeft ingestemd. Hierdoor ontbreekt een werkbare samenwerking waardoor de makelaar de verkoopopdracht niet goed kan uitvoeren. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat een makelaar er (financieel) belang bij heeft een verkoopopdracht tot een goed einde te brengen en niet snel tot beëindiging daarvan overgaat.
4.18.
Dit betekent het volgende voor de vorderingen.
De vrouw heeft ter zitting toegelicht dat vordering 1 zo moet worden uitgelegd dat de vrouw op grond van artikel 3:174 BW Pro wordt gemachtigd om de woning te gelde te maken via De Vree Makelaardij B.V., dan wel een door de vrouw aan te wijzen makelaarskantoor, waarbij de betreffende makelaar de bied- en laatprijs bepaald. Vordering 1 wordt toegewezen op de wijze zoals is toegelicht door de vrouw, met dien verstande dat de vrouw, conform de vaststellingsovereenkomst, aan De Vree Makelaardij B.V. de verkoopopdracht moet verstrekken. Dat de man, zoals hij zelf stelt, hierdoor feitelijk buitenspel wordt gezet omdat De Vree Makelaardij B.V. uitsluitend met de vrouw wil samenwerken, komt voor zijn eigen rekening en risico. De man heeft immers onvoldoende meegewerkt aan de verkoop van de woning.
4.19.
Aan de vrouw wordt ook vervangende toestemming verleend om die handelingen te verrichten die nodig zijn voor een zo spoedig mogelijke verkoop/levering van de woning, waarbij de vervangende toestemming in de plaats treedt voor het opmaken van de verkoopovereenkomst en de notariële leveringsakte vereiste wilsverklaring, medewerking en handtekening van de man, alsmede dat dit vonnis in de plaats van de akte of een deel daarvan op grond van artikel 3:300 lid 1 en Pro 2 BW. Vordering 2 wordt aldus toegewezen.
4.20.
Vordering 3 wordt afgewezen omdat de vrouw met de toewijzing van vordering 2 geen belang heeft bij toewijzing van vordering 3.
4.21.
Gelet op wat hiervoor is overwogen, wordt de man bevolen om binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis de sleutels van de woning af te geven aan De Vree Makelaardij B.V. Vordering 4 wordt dus toegewezen.
4.22.
De daarbij gevorderde dwangsom (vordering 5) van € 500,00 per dag voor iedere dag dat de man dit nalaat, tot een maximum van € 25.000,00, wordt toegewezen als prikkel tot nakoming. De voorzieningenrechter acht dit noodzakelijk omdat de man in eerste instantie niet heeft meegewerkt aan de verkoop van de woning, onder meer door het niet afgeven van de sleutels van de woning aan de makelaar.
4.23.
Vordering 6 wordt afgewezen. De man woont niet in de woning en niet is gebleken dat er spullen van de man in de woning liggen, zodat de man de woning ook niet kan ontruimen.
4.24.
Het deel van vordering 7 dat ziet op de betaling door de man van de volledige makelaars- en verkoopkosten wordt afgewezen, omdat deze onbepaalbaar is. Onbekend is immers nog hoeveel deze kosten bedragen. Bovendien is het gebruikelijk dat partijen deze kosten samen, ieder voor de helft, dragen.
Proceskosten
4.25.
De voorzieningenrechter ziet in deze zaak aanleiding om af te wijken van het uitgangspunt dat de proceskosten tussen ex-partners worden gecompenseerd. De man heeft immers onvoldoende meegewerkt aan de verkoop van de woning, ondanks de eerdere mondelinge behandeling die in datzelfde kader heeft plaatsgevonden en de tijdens die mondelinge behandeling gemaakte afspraken tussen partijen, waaronder de verplichting tot medewerking aan de verkoop van de woning. De man moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) zowel in conventie als in reconventie betalen.
4.26.
De proceskosten van de vrouw in conventie worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
153,02
- griffierecht
341,00
- salaris advocaat
1.177,00
- nakosten
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.860,02
4.27.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten in conventie wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
4.28.
De proceskosten van de vrouw in reconventie worden begroot op € 777,50
(€ 588,50 aan salaris advocaat (0,5 punt x € 1.177,00) en € 189,00 aan nakosten, plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing).

5.De beslissing

De voorzieningenrechter
in conventie
5.1.
machtigt de vrouw om de woning gelegen aan de [adres] te [postcode] Rhoon te gelde te maken via De Vree Makelaardij B.V., waarbij De Vree Makelaardij B.V. de bied- en laatprijs bepaald,
5.2.
verleent de vrouw vervangende toestemming om die handelingen te verrichten die benodigd zijn voor een zo spoedig mogelijke verkoop/levering van de woning aan de [adres] te [postcode] Rhoon, alsmede om de levering en overdracht bij notariële akte te bewerkstelligen, waarbij de vervangende toestemming in de plaats treedt voor het opmaken van de verkoopovereenkomst en de notariële leveringsakte vereiste wilsverklaring, medewerking en handtekening van de man,
5.3.
beveelt de man om binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis de sleutels van de woning af te geven aan De Vree Makelaardij B.V.,
5.4.
veroordeelt de man om aan de vrouw een dwangsom te betalen van € 500,00 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat hij niet voldoet aan de veroordeling in 5.2, tot een maximum van € 25.000,00 is bereikt,
5.5.
veroordeelt de man in de proceskosten van € 1.860,02, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als het vonnis daarna wordt betekend, moet de man € 98,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,
5.6.
veroordeelt de man tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.7.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
5.8.
wijst het meer of anders gevorderde af,
in reconventie
5.9.
wijst de vorderingen van de man af,
5.10.
veroordeelt de man in de proceskosten van € 777,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als het vonnis daarna wordt betekend, moet de man € 98,00 extra betalen, plus de kosten van betekening,
5.11.
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. P. de Bruin en in het openbaar uitgesproken op 14 april 2026.
[3894/2009]