Verzoekster heeft een schuldregeling aangeboden aan haar schuldeisers, waarbij preferente schuldeisers 3,74% en concurrente schuldeisers 1,53% van hun vorderingen ontvangen tegen finale kwijting. Twaalf van de dertien schuldeisers stemden in met het aanbod, maar Eres NL, met een vordering van €5.360,69 (8,21% van de totale schuldenlast), weigerde.
De rechtbank heeft vastgesteld dat het aanbod het maximaal haalbare is, gebaseerd op een onafhankelijke toetsing en de stabiele financiële situatie van verzoekster, die geen uitzicht heeft op inkomensverbetering. De rechtbank weegt het belang van verzoekster en de meerderheid van schuldeisers zwaarder dan het belang van Eres NL.
Daarom beveelt de rechtbank Eres NL om in te stemmen met de schuldregeling en wijst het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling af. De kosten van de procedure worden aan Eres NL opgelegd, begroot op nihil. Het vonnis treedt in de plaats van vrijwillige instemming en is uitvoerbaar bij voorraad.