Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- het verzoekschrift van de gemeente, ontvangen op 6 oktober 2025, met bijlagen;
- de op 26 januari 2026 ontvangen reactie van [verweerder] .
2.Het verzoek
primair[verweerder] verwijtbaar gehandeld heeft, zodanig dat van de gemeente in redelijkheid niet gevraagd kan worden de arbeidsovereenkomst voort te zetten;
subsidiairde arbeidsverhouding tussen partijen zodanig verstoord is dat van de gemeente in redelijkheid niet gevraagd kan worden de arbeidsovereenkomst voort te zetten;
meer subsidiairsprake is van een combinatie van omstandigheden die maken dat van de gemeente in redelijkheid niet gevraagd kan worden de arbeidsovereenkomst voort te zetten.
3.De beoordeling
ernstigverwijtbaar gedrag van [verweerder] heeft hij geen recht op een transitievergoeding en kan de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang worden ontbonden. Zonder te willen bagatelliseren wat is voorgevallen wat de bedreigingen betreft, komt de kantonrechter tot het oordeel dat van
ernstigverwijtbaar gedrag van [verweerder] geen sprake is. Dat komt door de cocaïneverslaving van [verweerder] . Deze verslaving rechtvaardigt zijn gedrag niet, maar geeft er wel een verklaring voor en daarom wil de kantonrechter [verweerder] , na een dienstverband van ruim twintig jaar, hem niet zijn transitievergoeding onthouden en ook de arbeidsovereenkomst niet op de zo kortst mogelijke termijn ontbinden. De arbeidsovereenkomst wordt daarom ontbonden per 1 juli 2026. De transitievergoeding bedraagt € 29.867,71 bruto, zo verklaarde de gemachtigde van de gemeente op de zitting. De gemeente wordt ertoe veroordeeld deze vergoeding aan [verweerder] te betalen.