Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:5259

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
1 mei 2026
Publicatiedatum
7 mei 2026
Zaaknummer
12135972 VZ VERZ 26-938
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:303 lid 2 BWArt. 7:304 lid 2 BWArt. 288 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek benoeming deskundige voor vaststelling huurprijs bedrijfsruimte

Kuwait Petroleum (Nederland) B.V. huurt sinds 1994 een bedrijfsruimte aan Rivium Exploitatiemaatschappij Rivex B.V. Verhuurder Kuwait verzoekt de kantonrechter om een deskundige te benoemen die de huurprijs van het gehuurde nader vaststelt. Rivium verzet zich tegen dit verzoek.

De kantonrechter oordeelt dat het verzoek niet kan worden toegewezen omdat de wet bepaalt dat niet een deskundige, maar de kantonrechter zelf de huurprijs vaststelt. Daarnaast is onvoldoende komen vast te staan dat partijen geen overeenstemming hebben bereikt over de benoeming van een deskundige, een vereiste voor toewijzing van een dergelijk verzoek.

De kantonrechter wijst het verzoek af en veroordeelt Kuwait in de proceskosten van €216,-. De proceskostenveroordeling is uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De beschikking is op 1 mei 2026 in het openbaar uitgesproken door kantonrechter I.K. Rapmund.

Uitkomst: Verzoek tot benoeming deskundige voor huurprijsvaststelling wordt afgewezen; verhuurder veroordeeld in proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 12135972 VZ VERZ 26-938
datum uitspraak: 1 mei 2026
Beschikking van de kantonrechter
in de zaak van
Kuwait Petroleum (Nederland) B.V.,
(statutaire) vestigingsplaats: ‘s-Gravenhage,
verzoekster,
gemachtigde: mr. A. van den Heuvel,
tegen
Rivium Exploitatiemaatschappij Rivex B.V.
(statutaire) vestigingsplaats: Vlaardingen,
verweerster,
gemachtigde: mr. D. van den Berg.
De partijen worden hierna ‘Kuwait’ en ‘Rivium’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • het verzoekschrift van Kuwait (ontvangen op 11 maart 2026), met bijlagen;
  • het verweerschrift van Rivium.

2.De beoordeling

Over het verzoek van Kuwait
2.1.
Rivium huurt sinds 1994 van Kuwait een (290-)bedrijfsruimte in Capelle aan den IJssel. Deze bedrijfsruimte zal verder “het gehuurde” worden genoemd. Kuwait verzoekt in deze procedure kort gezegd aan de kantonrechter om een deskundige te benoemen om de huurprijs van het gehuurde nader vast te stellen. Kuwait verwijst bij dit verzoek naar twee artikelen uit de wet [1] . Rivium is het niet eens met het verzoek.
Het oordeel van de kantonrechter
2.2.
Het verzoek van Kuwait kan niet worden toegewezen. Volgens de wet [2] is het namelijk niet een deskundige die de huurprijs van het gehuurde nader vaststelt, maar de kantonrechter. Zoals Rivium ook heeft betoogd, kan het verzoek van Kuwait dus niet volgens de wet.
2.3.
Daarbij kan het verzoek ook niet worden toegewezen, als het verzoek van Kuwait zo moet worden gelezen, dat zij vraagt om een deskundige te benoemen om een deskundig huurprijsadvies te geven, zoals dat wel is bedoeld in de wet [3] . Een vereiste om zo’n verzoek te kunnen toewijzen, is dat partijen zelf geen overeenstemming hebben bereikt over de benoeming van een deskundige. Er is in deze zaak onvoldoende komen vast te staan dat hier sprake van is. Rivium voert daarbij aan dat partijen nog helemaal geen overleg hebben gevoerd over het benoemen van een deskundige. Aangezien Rivium in haar verweerschrift aangeeft geen bezwaar te hebben tegen de deskundige die Kuwait voorstelt, geeft de kantonrechter aan partijen mee hier samen over in gesprek te gaan.
Kuwait moet de proceskosten betalen
2.4.
Omdat Kuwait ongelijk krijgt, komen de proceskosten voor haar rekening. De kantonrechter begroot de kosten die Kuwait aan Rivium moet betalen op € 144,- aan salaris voor de gemachtigde voor het verweerschrift en € 72,- aan nakosten. Dat is in totaal € 216,-. Hier kan nog een bedrag bij komen als deze beschikking wordt betekend.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad
2.5.
Deze beschikking wordt voor het deel van de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 288 Rv Pro). Dat betekent dat de proceskostenveroordeling in deze beschikking meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
wijst het verzoek van Kuwait af;
3.2.
veroordeelt Kuwait in de proceskosten, die aan de kant van Rivium worden begroot op € 216,-;
3.3.
verklaart de proceskostenveroordeling in deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door kantonrechter mr. I.K. Rapmund en op 1 mei 2026 in het openbaar uitgesproken.
67051

Voetnoten

1.Zie artikel 7:304 lid 2 van Pro het Burgerlijk Wetboek en 7:303 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek.
2.Zie artikel 7:304 lid 2 van Pro het Burgerlijk Wetboek en 7:303 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek.
3.Zie artikel 7:304 lid 2 van Pro het Burgerlijk Wetboek.