ECLI:NL:RBROT:2026:4290
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing faillissementsverzoek wegens ontbreken baten na turboliquidatie
Verzoekster heeft bij de rechtbank Rotterdam een verzoek ingediend tot faillietverklaring van een besloten vennootschap die meerdere openstaande vorderingen had en in verzuim was met betalingen. Na indiening van het faillissementsverzoek is de vennootschap door turboliquidatie ontbonden en opgehouden te bestaan.
De rechtbank stelt vast dat het ontbreken van baten na ontbinding betekent dat de rechtspersoon direct ophoudt te bestaan en dat een faillissementsverzoek alleen kan worden toegewezen indien summierlijk blijkt dat er baten aanwezig zijn. Verzoekster voerde aan dat de turboliquidatie na indiening van het verzoek plaatsvond en dat dit de toewijzing niet in de weg zou staan.
De rechtbank oordeelt dat dit niet relevant is; ook bij ontbinding na indiening geldt dat er baten moeten zijn om het faillissementsverzoek toe te wijzen. Omdat verzoekster geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die de aanwezigheid van baten aannemelijk maken, wijst de rechtbank het verzoek af.
De beschikking is gegeven door rechter E.A. Vroom en griffier J.B. Biezen op 26 maart 2026. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen.
Uitkomst: Het verzoek tot faillietverklaring wordt afgewezen wegens het ontbreken van baten na turboliquidatie.