Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2026:4237

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
19 maart 2026
Publicatiedatum
10 april 2026
Zaaknummer
10-212221-23
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling met dwang met twee jaar wegens ernstige persoonlijkheidsstoornis en recidivegevaar

De rechtbank Rotterdam heeft op 19 maart 2026 besloten tot verlenging van de terbeschikkingstelling (tbs) met dwang met een termijn van twee jaar voor de ter beschikking gestelde, die eerder was veroordeeld voor drie diefstallen met braak of inklimming. De oorspronkelijke tbs was aangevangen op 15 maart 2024 en was gemaximeerd. Na een eerdere beslissing tot verpleging van overheidswege in januari 2025, heeft het openbaar ministerie in januari 2026 een vordering tot verlenging ingediend.

De deskundige van de instelling adviseerde op basis van een rapport van januari 2026 om de tbs te verlengen vanwege een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met antisociale, narcistische en paranoïde kenmerken, een ernstige cocaïneverslaving en zwakbegaafdheid. De voorgeschiedenis van delictgedrag en ontoereikende hulpverlening maken voortgezet toezicht noodzakelijk. De ter beschikking gestelde is inmiddels opgenomen in de doorstroomafdeling en volgt diverse therapieën, met positieve voortgang zoals het niet gebruiken van verdovende middelen binnen de kliniek.

De rechtbank oordeelt dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid dit vereisen en dat de behandeling en resocialisatie meer tijd vergen dan één jaar. De ter beschikking gestelde en zijn raadsman verzetten zich niet tegen de verlenging. De rechtbank benadrukt het belang van stapsgewijze opbouw van vrijheden en monitoring van het gedrag. De beslissing is genomen door drie rechters en uitgesproken in een openbare zitting. Tegen deze beslissing staat beroep open bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met dwang met twee jaar wegens ernstige stoornissen en recidivegevaar.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam
Team straf 2
Parketnummer: 10-212221-23
Datum uitspraak: 19 maart 2026
Beslissing van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, met betrekking tot de terbeschikkingstelling van:
[naam](hierna: de ter beschikking gestelde),
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987,
verblijvende in [naam instelling] te [plaats] (de instelling),
raadsman mr. E. Boskma, advocaat te Alkmaar.

1.Inleiding

Bij vonnis van deze rechtbank van 29 februari 2024 is de terbeschikkingstelling van [naam] gelast met voorwaarden betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde.
De terbeschikkingstelling is gelast ter zake van drie diefstallen, al dan niet met
braak of inklimming. De termijn van de terbeschikkingstelling met voorwaarden is
aangevangen op 15 maart 2024.
Bij beslissing van 24 januari 2025 heeft deze rechtbank alsnog de verpleging van overheidswege gelast.

2.Procesverloop

De rechtbank heeft op 20 januari 2026 van het openbaar ministerie een vordering ontvangen tot verlenging van de terbeschikkingstelling. De vereiste stukken zijn bijgevoegd dan wel toegezonden.
De vordering is op de openbare terechtzitting van 19 maart 2026 behandeld. De officier van justitie mr. J.B. Wooldrik, de ter beschikking gestelde (via een videoverbinding), bijgestaan door zijn raadsman, en als deskundige mevrouw A.G. Posthuma, werkzaam als regiebehandelaar bij de instelling, zijn gehoord.

3.Adviezen

Advies instelling
De instelling adviseert in het rapport, gedateerd 5 januari 2026, de terbeschikkingstelling met twee jaar te verlengen. Bij de ter beschikking gestelde is sprake van een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met antisociale trekken, narcistische en paranoïde kenmerken, een ernstige stoornis in het gebruik van cocaïne en zwakbegaafdheid.
Er is een uitgebreide voorgeschiedenis van delictgedrag en ontoereikend gebleken
hulpverlening. Het is dan ook aannemelijk dat betrokkene externe structuur en toezicht nodig zal blijven hebben om niet terug te vallen in delictgedrag. Het is van belang vrijheden stapsgewijs op te bouwen en zo te toetsen tot welk niveau externe structuur kan worden afgebouwd. Omdat sprake is van gemaximeerde tbs, zal tijdig worden gestart met het in kaart brengen van het vervolgtraject. Het traject zal de termijn van twee jaar ruimschoots overschrijden.
Op de terechtzitting gegeven adviezen
De deskundige heeft het advies op de terechtzitting toegelicht. Zij heeft onder meer – zakelijk weergegeven – verklaard dat de ter beschikking gestelde inmiddels op de doorstroomafdeling van de instelling zit en dat bijna alle behandelingen en therapieën zijn gestart. Het is positief dat de ter beschikking gestelde binnen de kliniek geen verdovende middelen heeft gebruikt. De delictanalyse zal binnenkort starten. Komende zomer is een incidenteel verlof ingepland naar de vader van de ter beschikking gestelde. Als die fase goed wordt doorlopen, zal begeleid verlof worden aangevraagd. Er wordt door de instelling nagedacht over een concrete vervolgroute, rekening houdend met de gemaximeerde maatregel.

4.Standpunt van partijen

Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft geconcludeerd tot verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling met twee jaar.
Standpunt van de ter beschikking gestelde
De ter beschikking gestelde en de raadsman hebben zich niet verzet tegen verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling.

5.Beoordeling

Op grond van het advies van de deskundigen en wat verder naar voren is gekomen op de terechtzitting is de rechtbank van oordeel dat:
- er nog steeds sprake is van een gebrekkige ontwikkeling en/of ziekelijke stoornis van de geestvermogens van de ter beschikking gestelde;
- de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen eist dat de termijn van de terbeschikkingstelling met twee jaar wordt verlengd.
Uitgangspunt is dat de terbeschikkingstelling verlengd dient te worden met een termijn van twee jaar indien aannemelijk is geworden dat de behandeling en resocialisatie van de ter beschikking gestelde in het bestaande juridische kader meer tijd in beslag zal nemen dan één jaar. De rechtbank ziet in deze zaak geen aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken. De ter beschikking gestelde is betrekkelijk recent opgenomen in de instelling en er dienen nog diverse stappen – waaronder het uitbreiden van verlofvrijheden – te worden genomen. Dit zal meer tijd in beslag nemen dan één jaar. Het is belangrijk dat de tijd wordt genomen om te monitoren hoe de ter beschikking gestelde omgaat met de volgende stappen en hem daarbij te begeleiden.
Gelet op de positieve start die de ter beschikking gestelde heeft gemaakt, spreekt de rechtbank de hoop uit dat de ter beschikking gestelde de lijn die hij heeft ingezet, zal doorzetten.

6.Beslissing

De rechtbank:
verlengtde termijn van de terbeschikkingstelling met
2 (twee)jaren.
Deze beslissing is genomen door mr. L. Stevens, voorzitter,
en mrs. G.P. van de Beek en I.M. Braam, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. L.C. Suiker, griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting.
De jongste rechter is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.
Tegen deze beslissing kan het openbaar ministerie binnen veertien dagen na de uitspraak en de ter beschikking gestelde binnen veertien dagen na betekening daarvan beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.