Verzoeker, eigenaar van een appartement in een complex met een hoofdsplitsing en ondersplitsingen, vroeg toestemming aan de VVE om een airco-unit op zijn loggia te plaatsen. De VVE stemde niet in met het verzoek. Verzoeker vorderde vernietiging van het besluit en vervangende machtiging van de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat het verzoek tijdig en aan de juiste VVE was gericht. De procedurele vereisten voor besluitvorming binnen de complexe VVE-structuur werden toegelicht, waarbij voorafgaande besluiten in onderverenigingen noodzakelijk zijn voor een besluit in de hoofd-VVE.
De kantonrechter stelde vast dat het besluit van de VVE rechtsgeldig was genomen en niet in strijd met wettelijke bepalingen of het reglement. De redelijkheid en billijkheidstoets wees uit dat verzoeker zijn verzoek voldoende heeft kunnen toelichten en dat de VVE gerechtvaardigde belangen had, zoals zorgen over geluidshinder, alternatieven, gevelwijzigingen en precedentwerking.
Verzoeker kon onvoldoende aantonen dat het geluidsniveau van de airco onder de wettelijke norm van 40 dB zou blijven, mede door het ontbreken van een deskundige berekening. Ook ontbrak een deskundigenadvies over alternatieve koelopties. Daarom was het weigeren van toestemming redelijk. De kantonrechter wees ook het verzoek om vervangende machtiging af, omdat geen sprake was van onredelijke weigering.
Verzoeker werd veroordeeld in de proceskosten van €864 en de beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.