De curator in het faillissement van Gameworld B.V. vordert voeging van de hoofdzaak tegen JCGroup B.V. en AUM Holding B.V. met een eerdere procedure tegen de natuurlijke bestuurder van Gameworld. De curator stelt dat beide procedures betrekking hebben op hetzelfde feitencomplex rondom het bestuur en de aansprakelijkheid voor het faillissement.
JCGroup en AUM Holding verzetten zich tegen voeging, stellende dat de aansprakelijkheid van natuurlijke personen en rechtspersonen verschillend is en dat voeging tot vertraging leidt. Ook wijzen zij op vermeende schending van informatieplicht en procedurele tekortkomingen.
De rechtbank oordeelt dat de zaken verknocht zijn omdat de beoordeling van de aansprakelijkheid van de vennootschappen samenhangt met het handelen van de natuurlijke bestuurder. Het enkele feit dat verschillende rechtsgronden aan de orde zijn, staat voeging niet in de weg. Het belang van consistente beoordeling en het voorkomen van tegenstrijdige uitspraken weegt zwaarder dan mogelijke vertraging.
De vordering tot voeging wordt daarom toegewezen. De beslissing over proceskosten wordt aangehouden tot het eindvonnis in de hoofdzaak. De zaak wordt op 13 mei 2026 hervat voor conclusie van antwoord.