Partijen zijn gehuwd in Turkije en hebben een minderjarige met gewone verblijfplaats in Nederland. De man vertrok in februari 2023 met het kind naar Turkije zonder toestemming van de vrouw, wat leidde tot een procedure over terugkeer en gezag.
De rechtbank erkent het Turkse huwelijk als rechtsgeldig en bevestigt de Nederlandse rechterlijke bevoegdheid vanwege de gewone verblijfplaats van het kind in Nederland bij aanvang van de procedure. De vrouw had geen ouderschapsplan kunnen overleggen, maar dit werd geaccepteerd gezien de omstandigheden.
De rechtbank oordeelt dat de man het gezag schendt door het kind ongeoorloofd in Turkije te houden en wijst de hoofdverblijfplaats en zorgregeling toe aan de vrouw. Het Turkse recht is van toepassing op het huwelijksvermogensregime, dat een regime van verwervingsdeelneming kent. De rechtbank bepaalt dat partijen niets van elkaar te vorderen hebben in de financiële afwikkeling.
Proceskosten worden ieder voor eigen rekening genomen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad, behalve de echtscheiding zelf, en tegen de beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag.