Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 9 april 2025, met 2 bijlagen;
- het exploot van Heineken van 12 mei 2025 tot oproeping van Wagner als partij in het geding (artikel 118 Rv Pro), met een bijlage;
- het antwoord van Heineken, met bijlagen 1 tot en met 12;
- het antwoord van Wagner, met bijlagen 1 tot en met 3;
- de akte aanvullen gronden van Wagner, met bijlagen 4 tot en met 6;
- de akte overlegging nadere producties van Heineken, met bijlagen 13 tot en met 16;
- de spreekaantekeningen van Marcan;
- de spreekaantekeningen van Heineken;
- de spreekaantekeningen van Wagner;
- de e-mail van Heineken van 17 december 2025;
- de e-mail van Wagner van 17 december 2025.
2.De beoordeling
30 april 2027. Marcan wil het gehuurde splitsen in twee kleinere winkelruimtes. Marcan stelt dat zij na de renovatie een hoger rendement kan realiseren en dat de renovatie zorgt voor meer loop (gedurende de gehele dag) op dit deel van de Goudsesingel. Marcan beroept zich primair op dringend eigen gebruik (artikel 7:296 lid 1 sub b BW Pro) en subsidiair op de algemene belangenafweging (artikel 7:296 lid 3 BW Pro). In deze procedure vordert Marcan dat de kantonrechter het tijdstip vaststelt waarop de huurovereenkomst tussen Marcan en Heineken eindigt (30 april 2027). Ook wil Marcan dat Heineken wordt veroordeeld om het gehuurde op de einddatum van de huurovereenkomst te ontruimen.
€ 122,35 aan explootkosten (met betrekking tot de oproeping van Wagner), € 720,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 360,-) en € 144,- aan nakosten. Dat is in totaal
€ 720,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 360,-) en € 144,- aan nakosten. Dat is in totaal € 864,-. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.