[eiser] vordert:
Primair:
1. het ASZ te bevelen de ontzegging ongedaan te maken, aldus, dat schriftelijk door het ASZ aan [eiser] wordt bevestigd dat de ontzegging is ingetrokken en dat [eiser] aldus weer toegang tot alle locaties van het ASZ krijgt, zulks op straffe van een dwangsom van € 1.000,00 voor elke dag dat het ASZ, na betekening van het te wijzen vonnis, in gebreke blijft aan dit bevel te voldoen;
ll. het ASZ te bevelen om [eiser] , na betekening van het vonnis, daadwerkelijk toe te laten tot alle locaties van het ASZ, zulks op straffe van een dwangsom van € 1.000,00 voor
elke keer dat het ASZ, aan [eiser] de toegang tot het terrein en de gebouwen van het ASZ weigert;
III. het ASZ te bevelen de signalering betreffende de ziekenhuisontzegging in HiX te verwijderen en verwijderd te houden, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor elke dag dat het ASZ, na betekening van het te wijzen vonnis, in gebreke blijft aan dit bevel te voldoen;
Subsidiair:
IV. voor het geval de ontzegging niet ongedaan worden gemaakt, het ASZ te bevelen om de
duur van de opgelegde ontzegging in overeenstemming te brengen met de ernst van de
gedraging die aan de ziekenhuisontzegging ten grondslag ligt;
Primair en subsidiair:
V. het ASZ te veroordelen in de kosten van deze procedure, waaronder begrepen het salaris van de advocaat van [eiser] te voldoen binnen 14 dagen na dagtekening
van het vonnis, en – voor het geval de voldoening van de proceskosten niet binnen de
gestelde termijn plaatsvindt – te vermeerderen met de wettelijke rente over de proceskosten vanaf bedoelde termijn voor voldoening, alsmede de nakosten.