Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 13 januari 2025, met bijlagen;
- het antwoord;
Rechtbank Rotterdam
De huurder huurt sinds december 2020 een woning van Stichting Woonbron en heeft een huurachterstand van €12.928,36 opgebouwd tot en met december 2025. Ondanks aanmaningen en de mogelijkheid tot schuldhulpverlening heeft de huurder niet betaald en niet meegewerkt aan schuldhulp.
De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand ernstig genoeg is om de huurovereenkomst te ontbinden op grond van artikel 6:265 BW Pro. Er zijn geen minderjarige kinderen in de woning, wat een relevante omstandigheid is bij ontruiming. De huurder moet de woning binnen veertien dagen na betekening van het vonnis ontruimen en een gebruiksvergoeding betalen tot de dag van ontruiming.
De kantonrechter verklaart de incassokosten en rente niet verschuldigd vanwege een oneerlijke bepaling in de algemene voorwaarden van Woonbron, die een boete oplegt bovenop de wettelijke rente en incassokosten. De proceskosten van €1.501,89 worden aan de huurder opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad, zodat onmiddellijke uitvoering mogelijk is.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder veroordeeld tot betaling van de huurachterstand en ontruiming binnen veertien dagen.