Stichting Havensteder vordert in kort geding dat de bewindvoerder van de heer huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van diens sociale huurwoning wegens ernstige overlast aan omwonenden. De overlast omvat geluidsoverlast, vervuiling, vernielingen en diefstal, zoals blijkt uit een omvangrijk dossier met politierapportages. De bewindvoerder betwist de spoedeisendheid van de eis, omdat de huurder inmiddels is opgenomen in een zorginstelling en voorlopig niet zal terugkeren.
De kantonrechter oordeelt dat het spoedeisend belang van Havensteder blijft bestaan vanwege het onzekere verloop van de opname en het grote tekort aan sociale huurwoningen. De huurovereenkomst zal naar verwachting in een bodemprocedure worden ontbonden vanwege de ernstige tekortkomingen van de huurder. Daarom wordt vooruitlopend op die ontbinding de ontruiming toegewezen.
De gevorderde ontruimingstermijn van drie dagen wordt als onredelijk kort afgewezen en vastgesteld op zeven dagen na betekening van het vonnis. De bewindvoerder wordt veroordeeld in de proceskosten van ruim €1.000 en het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat onmiddellijke uitvoering mogelijk is. Het vonnis is gewezen door kantonrechter B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.