Uitspraak
1.Inleiding
2.Procesverloop
3.Adviezen
4.Standpunt van partijen
5.Beoordeling
6.Beslissing
1 (één)jaar.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 19 januari 2026 besloten de terbeschikkingstelling (TBS) van de ter beschikking gestelde te verlengen met één jaar. De TBS is opgelegd na een veroordeling voor doodslag en is sinds 2017 van kracht. De verlenging volgt op een vordering van het openbaar ministerie en een advies van de behandelende instelling.
De instelling rapporteert dat de ter beschikking gestelde kampt met zwakbegaafdheid, een persoonlijkheidsstoornis met narcistische, afhankelijke en antisociale trekken, en een stoornis in het gebruik van middelen. Hoewel er vooruitgang is, blijft het risico op recidive hoog, mede door impulsief gedrag en beperkte medicatiebereidheid. Het behandelteam benadrukt het belang van een geleidelijke uitbreiding van vrijheden en verdere monitoring, vooral in het kader van relaties en zelfstandig functioneren.
Op de zitting lichtte een gezondheidszorgpsycholoog het advies toe en gaf aan dat het onbegeleide verlof sinds medio 2025 stapsgewijs is opgebouwd en goed verloopt. De instelling adviseerde aanvankelijk een verlenging van twee jaar, maar de rechtbank acht een verlenging van één jaar passend om het resocialisatietraject voort te zetten en te beoordelen of voorwaardelijke beëindiging mogelijk is.
De rechtbank concludeert dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid dit vereisen en dat de behandeling nog niet voldoende resultaat heeft opgeleverd om de TBS te beëindigen. De terbeschikkingstelling zal daarom met één jaar worden verlengd, met een nieuwe beoordeling rond januari 2027.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met dwangverpleging met één jaar vanwege het blijvende recidiverisico en het noodzakelijke verdere resocialisatietraject.